HomeVerslag van het bezoek aan de munthuizen te Berlijn, Hannover, Brussel, Londen en Parijs in het najaar van 1873Pagina 20

JPEG (Deze pagina), 654.31 KB

TIFF (Deze pagina), 7.18 MB

PDF (Volledig document), 42.46 MB

E
lj `
l
18
stoom gedreven, zooals te Parijs en Brussel. Meestal ge-
schiedt deze operatie in het smeltlocaal; de afgesneden
aanhangselen worden weder in den kroes geworpen en
versmelten. Te Londen bevond zich in het goudsmelthuis
een doorsnijwerktuig om de holle uiteinden der tinnen
af, en de afgekeurde tinnen, welke voor den kroes be-
stemd zijn, door te snijden.
Van groot belang zijn de afmetingen der vormen of der
tinnen (voor het goud), die uit de vormen te voorschijn
komen. Te Londen heeft men ze jaren lang betrekkelijk
dik gegoten, namelük 1 inch of 2.54 cm. Men is echter
onlangs daarvan afgegaan en heeft sedert 1870 tinnen
ingevoerd van '/2 inch = 1.27 cm. dik, met het voor-
nemen om ze in eene niet ver verwijderde toekomst tot
3/8 inch ; 0.95 cm. te verminderen.
Aan de overige Munten, vooral te Berlijn en Hannover,
i zijn de tinnen betrekkelijk dun. De door den Mechanicus
verrichte opmetingen hebben geleid tot de volgende cijfers
‘ voor de dimensiën der tinnen van het goud.

Muntso0rt. Lengte. V ` Dikte.
Berlijn I ­ ` _ · v · g 10-markst. 39 cm. ä 3.9 cm. 0.7 cm.
20 ,, 39 ,, · 4.5 ,, ; O.'7 ,, A
Hannover ....... 10 ,, 40 ,, 4.0 ,, t 0.8 ,,
Parijs ......... 20­frankst. 54 ,, 4.5 ,, ` 0.8 ,,
Londen ........ Sovereigns. 70 ,, 4.0 ,, j L3 ,,
1
Te Brussel is de opmeting verzuimd, doch daar hebben
de tinnen voor het goud dezelfde dimensiën als te Parijs.
Overal worden twee platen uit de breedte der tin gesneden.
F
i
F