HomeVerslag van het bezoek aan de munthuizen te Berlijn, Hannover, Brussel, Londen en Parijs in het najaar van 1873Pagina 17

JPEG (Deze pagina), 663.45 KB

TIFF (Deze pagina), 7.19 MB

PDF (Volledig document), 42.46 MB

15 '
inmengselen bevrijd (chloor­proces); het geschiedt evenzoo
te Berlijn, doch te Parüs en te Brussel wordt het aan
de gewone affinage onderworpen. Trouwens de Directeur
der Belgische Munt bezit zelf eene scheifabriek, welke
aan de muntinrichting nauw verbonden is en voortdurend
i werk heeft. Ik vermeld deze feiten kortelijk, omdat het
' aanwijzingen zijn, hoe voorzichtig de Muntmeester moet
l handelen, vooreerst ten opzichte van het aannemen der
goudbaren, en ten tweede betrekkelijk het alliëeren en
. de fabricatie zelve, te meer daar het aan de Engelsche
Munt geweigerde goud waarschijnlijk een uitweg zoekt
naar het vaste land en in de eerste plaats naar dielanden,
alwaar de enkele gouden standaard wordt ingevoerd.
·:
D Waiineer het goudalliage ··- mengsel van goud en koper,
‘ in de door de wet vereischte verhouding samengebracht--
gesmolten is, wordt het goed omgeroerd, meestal met
eene staaf van potlood, dus van dezelfde materie als de
kroes. De vorm van roerstaaf, die in de Royal Mint
gebruikelijk is en opzettelijk in de fabriek van Moaezm
N en Co. vervaardigd wordt, kwam ons zeer doelmatig voor.
Nadat door roeren eene homogene smelt verkregen is,
gaat men over tot het gieten, d. i. het uitgieten van
den vloeibaren inhoud van den kroes in vormen, die
de zoogenaamde tinnen leveren, langwerpige, vrij dikke
en smalle platen of reepen waaruit, na behoorlijk uit-
pletten, de muntplaten op de vereischte dikte worden
· uitgesneden.
Die vormen, bestaande uit gegoten ijzer en in de munt-
techniek bekend onder den naam van gietblokken of giet-
ijzers (te Berlijn: Flasche; te Brussel en Parijs: Zingotières;
te Londen: monlds) kunnen tot tweeërlei soort worden
j .
j .
I .