HomeVerslag van het bezoek aan de munthuizen te Berlijn, Hannover, Brussel, Londen en Parijs in het najaar van 1873Pagina 10

JPEG (Deze pagina), 670.63 KB

TIFF (Deze pagina), 7.18 MB

PDF (Volledig document), 42.46 MB

e
8
altijd het beste materiaal. Want een der vereischten van
dengdelgke munt, door MONGEZ ') op het einde der vorige
l eeuw aldus geformuleerd <<avoir le plus grand poids sous le
moindre volume>> behoudt nog heden ten dage zijn volle kracht.
l Ons bezoek aan de buitenlandsche muntinrichtingen heeft
l ook niet geleid tot een meer gunstig oordeel omtrent de zooge­
naamde nikkelpasrnunt. De prijsstijging en de schaarschte
van het nikkelmetaal, waaruit het voor munt bruikbare .
alliage voor ‘/, bestaat, zijn een groot bezwaar. Reeds
i nu kost het f ‘l8 per kilogram, vroeger slechts f 4.80. 4
Y Ter vervanging van onze kopermunt is het te duur en het
j levert wellicht in de bewerking moeilijkheden op, _die
, men bij koper of brons vermijdt. VVij beamen ten volle
l hetgeen zoowel door het Muntcollege in zijn rapport van .
jl 1860 als door de Staatscommissie in haar Nader Verslag
‘ omtrent nikkelrnetaal is in ’t midden gebracht.
T Nog op een ander metaalmengsel, geschikt tot het slaan
ll van munt, werd mijne aandacht gevestigd te Parüs door
den heer Eno. Pnucor, Inspecteur Général des Essais,
lf die, bij behoud van denzelfden inhoud lijn goud, het bruto-
‘ gewicht van den gouden frank of van zijne veelvouden
V zoodanig wilde wüzigen, dat het zou passen in het decimale
V systeem of door een rond metriek getal uitgedrukt worden.
V Het gouden 25-frankstuk, büaldien men tot de invoering
daarvan besloot, zou moeten inhouden 7.258 gram fijn;
het gouden 20~f`rankstuk bevat 5.8065 gram fijn. Kiest
men dus goudalliages, die aan goud inhouden 725.8 en
580.65 duizendsten (in ronde cijfers 726 en 581 of 725
l) Pag. 2 zijner ,,Considérations générales sur les monnaies,1ues à
la deuxième classe de Plnstitut national, le 17 germinal an IV de la
République Française."