HomeDe omloop van vreemde munt in Nederland, bijzonder in TwenthePagina 11

JPEG (Deze pagina), 668.98 KB

TIFF (Deze pagina), 6.11 MB

PDF (Volledig document), 10.90 MB

9
Het nut daarvan is blükbaar; wanneer wij met elkander
handelen, moeten wij elkander juist begrüpen omtrent
den prijs, even als wü met elkander sprekende, den zin
der woorden juist moeten vatten.
Bestaat er verschil omtrent de waarde bü de partüen;
. schat de een den gulden op 'l00, de andere op 98 cent,
dan gaat de handel niet goed; dan komt (de transactie
zelf daargelaten) de een tekort, de andere heeft eene extra
winst, hetgeen nadeelig moet werken; er wordt dan zon­
ï_ der genoegzame kennis van zaken gehandeld. _Nu kan men
l wel zeggen, dat de extra winst of verlies door de vreemde
munt van weinig belang is: de geheele agio bedraagt
j slechts enkele percenten , en zelden zal een der partijen
j zoo onnoozel zijn , om die geheel niet te berekenen, zoodat
.i ‘ de eene partij, die het meest bg de hand is, toch slechts
een fractie van een percent zal winnen. Al is dit zoo, dat
ii het bij iedere handeling weinig bedraagt, zoo wordt het
toch bü de telkens herhaalde handelingen van belang, en
'_ in ieder geval vorderen die herhaalde onnatuurlijke ver-
°i wisselingen tüd en moeite•, die voor het algemeen belang
i volstrekt verloren zgn.
_ Er wordt van de zijde van bankiers en labrielianten wel
­' beweerd dat het gebruik van Pruissisch geld voordeelig
zou zgn; het wordt volgens hen gemakkelük en goedkoop
jl van bankiers uit Munster of andere Duitsche steden ver-
` kregen voor Holl. wissel, omdat Pruissen belangrijke
betalingen voor koloniale waren te Amsterdam te doen
heeft. Wü willen gaarne aannemen, datdit laatste dikwijls
het geval is, en hebben volstrekt niets tegen dergelüke
wisselhandel op zich zelf; het kwaad begint eerst wanneer
dat Pruissisch geld hier in circulatie gebragt wordt, maar
daartoe wordt het genoegzaam uitsluitend ontboden, en
omdat het daarvoor dienen moet, gaat ook iets van het
voordeel dat anders in dien wisselhandel ligt, verloren.
De bankier of de fabriekant hebben iedere week eene
zekere som volstrekt noodig; dit geeft den buitenlandschen