HomeOpheffing der tiendenPagina 15

JPEG (Deze pagina), 671.65 KB

TIFF (Deze pagina), 6.29 MB

PDF (Volledig document), 12.23 MB

le;
i koop of anderzins, dat zij bijna niet zijn na te rekenen,
ten minste niet over de afzonderlnke perceelen grond, ­­
T Die eenigzins met de praktijk bekend is, weet, dat er
j aandeelen zijn, welker opbrengst met geene mogelijk-
heid anders dan bij verpachting van het ge/wel kun-
j nen gerealiseerd worden. Er zijn portien van bijv. l
j schelling 5 grooten l0à rnijte te ponde vlaamsch! enz.enz.
I Er is in der tijd voorgesteld: ci : - dat een Tiend-
ï pligtige, als hij zijnen grond in eenigen tiendblok
l wenscht te bevrijden, zoodanige Tiendblok°in zün
geheel zou kunnen afkoopen.
Z2. - of ook dat de gezamentlijke grondeigenaren van
der helft des tiendbloks, den afkoop van het geheel
zouden kunnen doen. -
_ Maar behalve de sub ci en b aangewezene bezwaren,
is er tot afkoopen véél capitaal noodig, dat evenwel
niet altijd zoo gereedelijk voorhanden is. -
«« In het eerste geval zou de geldsom al zeer hoog
worden als de gronden eener tiendpligtige hofstede in
b. v. 4 of 5 tiendblokken inschieten, zoo als vaak het
geval is. -- Dan ware er al ligt 20 Ia 30 Mille mede gemoeid,
In het tweede geval is de Tiendpligtige afhankelijk
van de medewerking zijner mede­buren, die, ’t zij uit
gebrek aan geld, ’t zij uit onverschilligheid, ’t zij omdat
zij meenen den Tienclheffer te moeten ontzien, zich
met de zaak niet durven inlaten. -
Om alle deze hinderpalen zal eene verlangde op­
hefïing steeds blijven eene ongedane zaak. ­-
Ieder Tiendpligtige, behoort vrijheid te hebben tot