HomeDogmatiek en cultuurPagina 9

JPEG (Deze pagina), 833.56 KB

TIFF (Deze pagina), 8.30 MB

PDF (Volledig document), 27.02 MB

; I
r
tische visie. Het is juist, dat de dogmatiek hier veelal onher-
kend staat; inderdaad ­­· natuurlijk overigens sans compa~
_ raison ­-· ,,Den Teufel spürt das Völkchen nie Und wenn er
sie beim Kragen hätte". Maar de behoefte aan, het bezit
van dogmatische drijving is onmiskenbaar.
[ Meer nog. Het geestelijke in den engeren zin van het
j religieuse staat alom op. Onze dagen van veel kennen en
veel kunnen zijn de dagen, waarin het zeer~oncontroleerbare
E van scientisme en theosophie, van spiritisme en astrologie
E hoogtij viert. Uit den invloed van kerk of priester zal men
E dit niet verklaren willen. Maar verklaard moet de opleving
worden om Comte's eigen eisch! Hier is een feit, een on~
l betwistbaar feit; dat van het optreden der geestelijke behoeften.
l Had Comte niet uit zijn eigen ziel hetzelfde gevonden? In
zijn Discours sur l'ensemble du positivisme en in zijn C'aler1~
l drier positiviste gaat het over ,,le culte systématique de l'huma~
ë nité", over ,,le vrai Grand Etre", over de behoefte om te
h ,,glorifier toutes les phases humaines". Le vrai Grand Etre,
E dat is hem niet ·-« het is waar ·­~ de Schepper van hemel s
j en aarde, dat is hem de menschheid. Maar de behoefte aan
l ,,cultes" en ,,glorifier" is er. Is zij niet·-theologisch en niet-
metaphysisch verklaard? Is zij zoo zelfs verklaarbaar? En in
onze dagen kwam een geleerde, wiens anti~kerkelijk en
feitelijk anti·religieus gevoelen door hem nooit verheimelijkt
Z was, de stichting bepleiten van een ,,foyer" voor ethisch·
1 sociale gemeenschapsoefening; hij zoekt wijding .... I)
i Als in de literatuur de mystiek haar plaats vergt en voor
jl haar goed recht opkomt, wat is het anders, dan dat de ziel
behoeft, zich geheel te ontplooien, zich te wijden aan het
j leven in zijn ganschen omvang ongeacht de vraag, of zij zoo
wellicht het terrein van het onverklaarbare betreedt? Als
T een schilderschool nadrukkelijk zegt, niet het verschijnende
j 1) August Forel; zie le Christianisme Social 1910, p. 67.
-· 7 ...
l
ä `L