HomeDogmatiek en cultuurPagina 22

JPEG (Deze pagina), 836.18 KB

TIFF (Deze pagina), 8.29 MB

PDF (Volledig document), 27.02 MB

‘ En onbillijk schijnt ons wie met H eym ans 1) het volharden
A bij een tweeheid hier verklaart uit kerkgeloof en traditie;
dubbel onbillijk wie daartegen stelt, dat de wetenschap de V
eenheid grijpen wil. Het gaat om tweeërlei wereldvisie, die
~«• als dualistisch en monistisch kan tegenover elkaar worden
gesteld; niet als traditioneel of kerkelijk contra wetenschap~
pelijk. Het is niet omwetenschappelijk, om kloven te zien.
Al gevoelen wij al het meesleepende, dat in het monisme
gegeven, tenminste beproefd wordt. Maar het voldoet niet
als monisme, juist dan als het om zijn realiteitszin zoozeer
ons toespreekt; wanneer het opgaat in het constateeren van
den samenhang, wanneer het mysterie en sprongen insluit
j in het systeem, wanneer het aan 't irrationeele zijn plaats
j geeft in Gods samenhangend wereldgeheel.2) Want hier wordt
de samenhang gewild, niet gegrepen; hier wordt getuigd
l van eenheid en systeem, doch getoond wordt de gedeeldheid. {
lf Wij geven dan de voorkeur er aan, dat men stand houdt
j vóór de gedeeldheid. Ook daar, waar het dualisme niet in
Y A het wezen der dingen ligt, maar enkel door het wezen der ­
dingen aan ons formuleeren zich opdringt. Zelfs daar, waar ook
onze persoonlijke geestelijke ervaring op geen tweeheid stuit
en toch onze conceptie tot eenheid niet doorbreekt. Hier
V liggen de voorbeelden gestrooid in de dogmatische worste~
ling der eeuwen.
‘ Het probleem van God en mensch, d.i. albesturend God
lj en verantwoordelijken mensch; het probleem van de causa~
l liteit en de vrijheid; het probleem van de norm, die voor~
E schrijft èn de natuurwet, die constateert. Dan de strijd
p tusschen Augustinus en Pelagius, tusschen de Contra~Remon~
; stranten en de Remonstranten. Het is altoos de worsteling
l om te grijpen de volle waarheid naar alle zijden. En de
e ""oç ll
' 1) G. Heymans, Einfiihrung in die Metaphgsik. S. 27, 307. T
. 2) Aldus Dr A. H. de Hartog, Noodzakelyke aanvullingen II, blz. 179 v.
j ‘ l
;_ »-· 20 »-·
Q
álle l
Vw? l
E . l
li
" F;