HomeDe maatschappij Arti et Amicitiae, over de opheffing der Vierde Klasse van het Koninklijk Nederlandsch InstituutPagina 13

JPEG (Deze pagina), 500.36 KB

TIFF (Deze pagina), 5.81 MB

PDF (Volledig document), 9.11 MB

l
E
E lAN Zrmn EXCELLENTIE
j DEN MINISTER VAN BINNENLANDSCHE ZAKEN.
_Q
De Maatschappij wlrzfá ei zlmiciámc" vermogt. den 20 Junij ver-
eerd te worden met een berigt op haar, aan Zijne Majesteit gerigt ver-
_ zoeksehriit van den éh April, luidende in hoofdzaak dat Z. M. geene
termen vindt tot het oprigten eener nieuwe Inrigting voor de Beeldende
Kunsten, aangezien de Akademie van Beeldende Kunsten te Amsz‘w·­
dam geacht moet worden de Sehoone Kunsten te vertegenwoor-
digen.
Het is genoemde Maatschappij ten pligt daarvoor aan Zijner Ma-
jesteits Regering haren dank te betuigen voor de vaderlijke zorg, waar-
mede zij in het algemeen het onderwijs in de Beeldende Kunsten in
bescherming heett genomen.
Evenzeer verineenen de leden dezer Maatschappg verpligt te zijn,
als burgers van den Staat en als beoefenaren der vakken, welker
belangen het hier geldt, hunne meening met bescheidenheid aan Uwe
·‘ Exeellentie voor te dragen, in de overtuiging, dat Uwe Exe., steeds
zorgende voor al de haar aanvertrouwde belangen, die niet geheel
onopgemerkt zult ter zijde leggen.
Ilet waren niet alléén de Beeldende Kunsten, die hen ter harte
lagen, bij de indiening van hun verzoeksehriit. Ook 1)£<;M· en Toom
musi vorderde hunne belangstelling , daar alle Sehoone Kunsten ,
eene strekking, een belang hebbende, zooveel mogelijk verbonden
moeten zijn om aan hare roeping geheel te kunnen voldoen