HomeEenige beschouwingen over het ontwerp van wet op den in-, uit- en doorvoer en over de belangen der Oostindische bezittingenPagina 53

JPEG (Deze pagina), 797.13 KB

TIFF (Deze pagina), 8.17 MB

PDF (Volledig document), 61.05 MB

j ;
tf)
Schrijver dezes heeit van zijne jeugd af in de olieslagerij door-
gebragt, en is een niet onaanzienlijk aantal jaren een niet vol-
Q strekt onbeduidend fabriekant geweest, die gaarne op de hoogte
i van zijn fabriek-bedrijf bleef, ook buiten ons land, maar
hij koestert de innige vrees, dat wanneer dit nieuwe tarief
tot wet wordt, nien van uit het buitenland, door geheel
t ons land heen, goedkooper zal kunnen leveren, dan de
in loco bestaande fabriekanten, zonder hierbij nog in
aanmerking te nenien, dat de buitenlandsche fabriekant, in den
beginne door geldelijke opotleringen en beleefde soms, lagere aan-
biedingen zijn debiet zal trachten ingang te doen vinden tot
dat het genoegzaam gevestigd, onze eigen industrie doet kwijnen,
en de daarin gevestigde kapitalen er aan heeft doen onttrekken.
Zij valt dan om nooit weder op te staan, even als zoo vele`
andere fabrieken van vroeger dagen verloren gingen.
Zelfs al is het dat de buitenlandsche fabriekant later, al naar
moinentele of locale gelegenheden zijne prijzen verhoogde en
· wij onze laauwheid dus duurder dan noodig betalen inoesten ,
‘ wie zal dan daaraan zijne kapitalen weder verleenen, of dik-
werf weder geschikte handen vinden; - het wordt uitheeinseh
en blijft het. - In 1852, in Gent zijnde, werd aan eene
i reeds kolossale fabriek waar toen reeds , zoo inen mij verhaalde,
Q 3000 paar handen werkzaam waren, eene belangrijke uitbreiding
l gegeven, ten einde er eene inachinale vlasspinnerij , die daar
een goed rendeinent beloofde uit llaarlein over te brengen,
l als een feitelijk bewijs dat het in llaarlein aan geschikte
handen en omgeving ontbrak, hetgeen ionen in Gent ruimschoots
vond. Zonde llaarlern, schoon eene fabriekstad, dit vroeger ·
wel hebben behoeven op te geven?
Vermoedelijk zullen dezelfde bezwaren, ofschoon niet in gelijke
mate, voor andere fabriektakken aanwezig zijn , innners als ik
de onderscheiden’ beschouwingen en verzoeken welke gegeven of
ingediend zijn, opgeven konde, dan zoude dit verinoedelijk eene
belangrijke feitelijke getuigenis zijn, dat vele Dibriekanten in
andere vakken, voor hun vak, niet inij dezelfde bezwaren in
t
l