HomeEenige beschouwingen over het kadasterPagina 6

JPEG (Deze pagina), 686.32 KB

TIFF (Deze pagina), 7.40 MB

PDF (Volledig document), 19.35 MB

IV
ambtenaar niel als een gevoelloos lezer, daar kan niel kond klgven
slaan kg de insinvalien zijn vak M kel eoips der amklenaren, waarloe
kg kel ziek eene eer rekenl le áekooren, loegeworpen.
Neen , mel een karl, gloegjende van edele veronlwaardiging, -­-
die ziek evenwel niel vernederen zal lol repliek, weerlegging van
onjnisle, onware keweringen <y" aanlggingen, ­­- maar vooral mel een
karl, gloegende van edelen gver om rond le laslen in den koezem van
zgn vak, zal lraeklen opregl en mel waarkeidszin le zoeken naar
gekreken, naar dwalingen en foalen, om ze le loelsen aan de onder-
vinding van onderen en aan eigen ervaring, len einde ook van zijne
zäde pogingen aan le wenden, 0m dal vak nader le krengen zgne
sokoone keslemming en kel die aekling van de maalsckappg le doen
verwerven, waarop kel in zoo rnime male aanspraak moesl kekken.
Mel deze gevoelens kezield, wil ik mäne meening doen kennen
omlrenl enkele zwakke zijden van kel kadasler , en lerwgl ik daarkg
Q zooveel mogelgk zal wgzen op de middelen, die naar kesokeiden
_ inzien zonden knnnen dienen om verkeleringen aan le krengen, wil ik
daarky len zeersle opgemerkl kekken, dal ik gaarne in ieder opzigl
§ mgne denkkeelden en kesokonwingen eene plaals rnim voor die van
V anderen, en geen ander doel keoog dan door wrigving van gedaeklen
kel liekl meer nakg le komen, dal we znllen kekoeven om in waarkeid
nnllige kervormingsmaalregelen in ’l leven le zien roepen.
I
I
I
I
I
In e
, _ ` ämü p ,,A, g g g ‘I