HomeDe gemeentelijke grondpolitiekPagina 19

JPEG (Deze pagina), 750.65 KB

TIFF (Deze pagina), 6.35 MB

PDF (Volledig document), 37.07 MB

17
vain eene flink·e marge - en er ligt voordeel in, want zonder
bedrijfskapitaal kan geen z.aak werken - dan verdient onze
regeling de voorkeur.
WVant wèl wordt de gemeente voor den inbreng gecredi-
teerd en wordt ha.ar interest te goed gedaan, 1naar dit ge-
schiedt slechts uit een administratief oogpunt en dienst om
een juist begrip te geven van wat het bedrijf voor de ge-
meente oplevert of aan haar kost.
. Het debet staan van het bedrijf aan de gemeente, is
niet hetzelfde als het schuldig staan aan crediteuren. Credi-
taeuren zijn derden, de gemeente is het bedrijf zlelf.
Zit het kapit.aal voor lange jaren vast, is er vooreerst
j geen kans op d.at gelden uit het bedrijf loskomen, het levert
‘ voor de gemeente geen groot bezwaar op, w.ant het ligt vast
in har·e e.ige­n gronden. En zelfs wanneer het bedrijf den
interest niet mocht opleveren en het kapitaal door verlies
[ mocht verminderen, dan is dit een tegenvaller, maar er is
] geen schul«d«eisch·cr, tegenover wien de schuldenaar in ge-
breke is. Het bedrijf, de schuldenaar, is geen ander dan de
j g·emeen·te, de geldschiieter.
Dan, de thans loopende geld·leening­en zijn alle a.ange-
lj gaan op de oude conditiën (aflossing binnen betrekkelijk
` korten tijd, in vast.e jaarlijksch-e termijnen), dus op condi-
j tiën, die voor het bedrijf niet geschikt zijn. Eindelijk, zal
‘ het feit·elijk niet wel mogelijk zijn h.et juiste cijfer van be-
‘ doeld deel der schuld vast te stellen; er zou m­et de muts
naar g·eg­o.oi·d rnoeten worden. .
Intusschen erkennen wij g.aarne dat het practisch zijn
- zal om, indien het tot de instelling van een afzonderlijk
i gr0u‘1=db·e.drijf kom.en mocht, daaraan, in zekere mate, terug-
werkende kracht toe te kennen e·n in elk geval te zijnen
‘ . last·e te brengen de geldleening, die staat te worden aange-
N gaan, in verband met den aankoop van oeverterreiin bewes-
ten Oud-Delfshaven. Daartegen zal te minder bezwaar wezen,
wanneer Burgemeester en NV-ethouders er in slagen mogen,
om reeds voor deze leening, van het hoogere bestuur gedaan
te krijgen, dat dit er in toestemt haar voor langeren termijn
i dan 6o jaren aan te gaan.
Nog even wenschien wij terug te komen op het aan
de gem·<·-ente te goed doen van interesten van haar inge-
3