HomeHet partijwezen in het parlementair stelselPagina 28

JPEG (Deze pagina), 869.31 KB

TIFF (Deze pagina), 8.15 MB

PDF (Volledig document), 34.15 MB

i
»;_ _ U
i 26 l
lil
i j politieken strijd niet langer mac/zt te winnen, hoogstens de zege-
praal van het ééne, concrete verlangen. Dit is een minder aanlok- .
j ik kelijk object om het uitdenken van ,,listige kunstgrepen” te loonen.
si De overbluffende propagandist, die in ,,de politiek” niet meer i
q het ruime emplooi vindt voor zijne sluwe talenten -­- in Engeland i
j noinnt men hem den besten propagandist, ,,who can tell the
' biggest lies" ­ zal er zich meer en meer uit terugtrekken en
met hem het leege enthusiasme, dat hij thans bij zoo menig .j
i' kiezer opwekt voor Ubeginselen", die eigenlijk dien kiezer
g voïmazikt koud laten.
Meer nog dan op het volk, zal het nieuwe stelsel invloed
i oefenen op den gang van zaken in het Parlement. De leden
zitten er niet langer als gezanten van eene vaste corporatie,
met de opdracht, in de allereerste plaats het machtsbelang van
die corporatie te dienen. Zij komen er, behalve om hunne persoon,
Q vooral als dragers van een bepaald denkbeeld, dat, buiten de ‘
A eerlijke begeerte, om verwezenlijkt te worden, geene machtsbe­
V geerte kent. Zij vormen niet eene constante meerder- en minder- _
. heid, de eerste zich tot taak stellend, de Regeeringsdaden, zoo j
jj eenigszins mogelijk, te vergoelijken,de tweede, deze met alle middelen
; te critiseeren. In de plaats daarvan treden afwisselende meerder- i
, · en minderheden: wie ten opzichte van de eene aangelegenheid bij ï
de meerderheid zit, kan ten opzichte van de andere tot de minder-
heid behooren. Dit vermeerdert de objectiviteit bij de beoordeeling
i van zaken en vermindert de kans op intriges tusschen de parle- ’
mentaire groepen onderling en tegen de Regeering, die thans van i
jij het streven naar macht het onontkoombaar gevolg zijn. Men zal j
A niet kunnen loochenen, dat deze winst aan objectiviteit ook winst [
, is voor de ontwikkeling van het parlementair stelsel. Of zou de `
, . controle op de Regeering, die van dit stelsel het voornaamste j
E element is, iets anders bedoelen dan dit, dat slechts goed- of af- ’*
l gekeurd wordt, wat aójectiqf goed- of afkeuring waard is?
Maar, zegt men misschien, wanneer het Parlement de scherpe P
· afbakening van eene vaste meerder- en minderheid mist, ontbeert .
L, het ook de krachtige leiding, die van eene meerderheid kan uitgaan.
Daarenboven - en dit zal in het bijzonder den orthodoxen
lj, Staatsrechtsbeoefenaren aan het hart gaan -, wanneer een stelsel j
iii .
ëlï a
ii .
i i ;
iii V