HomeTegenwoordige toestand en plan tot hervorming van het Middelbaar OnderwijsPagina 80

JPEG (Deze pagina), 835.29 KB

TIFF (Deze pagina), 6.93 MB

PDF (Volledig document), 69.37 MB

78
zn, die er gebruik van lllflliêll, @11 liet te kort kome11de aan­
gevuld door een rijks-subsidie. Dat de leerlinge11 ee11 aan-
ZiC11lül{SCl100lgOl(ll)OlZä¥lOl1, e11 zoo grootendeels de lllldglïlllgêll,
waaraan zij onderwüs ontvangen, zelve i11 stand l1oude11,
heeft 11iets onbillüks. Dat de gemeenten, met andere woor-
den, de burgern zelve liet lagere onderwüs betaalt, is billnk;
’t Lagere onderwijs is een volkszaak, eene instelling, waar- D
van ieder burger moet gebruik maken. iMaar dat diezelfde j
burgerklasse bovenmatig belast worde 0111 latnnsehe scholen
i11 stand te liouclen, waarvan alleen (3Hl{€l@l] uit den 111eer
lJ@SCl1&{`lfi(.lC]1 @11 gegoeden stand zullen gebruik maken, dit
is, Cllllllïlï mij, 11iet regtvaardig. Dat het geheele rnk bndra- ,
ge om de wetenschap ill sta11d te l1ouden, is ee11e verplig- V
ting, waaraan geen beseliaafde staat zich zal onttrekken.
Maar °t is een groot verschil, of dergelnke lasten drukken
op de burgern va11 enkele gemeenten, of op al de inwoners A
des lands gezamenlük. V
` Intusselien zal, volgens onze berekening, de bijdrage van
"t rijk volstrekt 11iet verontrustend groot zün.
Het is 11iet te veel, wanneer l1et sehoolgeld voor ieder leer-
ling homïewl gulden ’sjaars bedraagt. Die som is voorzeker
ee11e kleiniglieid te noemen i11 vergelüking van de toekom-
stige kollegie- en GXá11D(3l1g(3lCl€l] aan de llOOgGSCl100l.
1 Verder reken ik, dat de vnf latnnselie sel1ole11 gezamen-
lijk duize11d leerlingen zullen tellen. Dit getal is vooral
l niet te groot g€11011'I€1], wanneer men l1et oog slaa op liet
aantal van 1400 studenten aan onze lioogeseholen. Maar,
zal n1e11 vragen, zullen da11 alle toekomstige studenten de
j rijksseliolen bezoeken, zal 11iet een aanzienlijk deel er Vëlll
l zich vestigen op scholen, die door ge1nee11ten of privaatper­
so11en, nevens die va11 ’t ruk, zullen WO1‘Cl(:‘D staande gehouden?
Mün antwoord hierop is, dat 11iet vele gemeenten dit doen
zullen. De finantien der meeste verkeere11 ill zulk ee11 toe-
Stállld, dat de gelegenheid on1 van hare kostbare, volstrekt
niet bloenende inrigtingen ontslagen te worden, met beide
handen zullen aangrijpen. Temeer zal dit het geval zgn, als
het rijk niet langer de l§O11]l.)l1]Z1ti€‘ met tweede atdeelingen
toelaat, e11 vooral, wanneer l1et rük eiselit, dat de private la­
tünselie seliolen eve11 goed met docenten bezet Zijll als de
züne. Nu zal l1et minimum van l1et personeel altnd elf znn,