HomeTegenwoordige toestand en plan tot hervorming van het Middelbaar OnderwijsPagina 74

JPEG (Deze pagina), 822.14 KB

TIFF (Deze pagina), 6.91 MB

PDF (Volledig document), 69.37 MB

72
dien last van nieuwigheden vaak moedeloos. `Wel is waar
beginnen zij langzamerhand aan die orde van zaken te ge-
wennen en den chaos te ontwarren, maar voor dat dit ge-
schied is, kan er veel tijd verloopen en. .... verloren zijn.
Ik zou het daarom voor beter houden, dat men met de en-
gelsche en duitsclie talen eerst in het tweede jaar een aan-
vang maakte In het eerste jaar toch, al onderstelt men
dat de beginselen van °t franscli reeds bekend waren, hebben
de knapen genoeg aan twee vreemde talen (het grieksch en
latün). Voor het tweede en de volgende jaren kan de lijst
der werkzaamlieden vermeerderd worden met de engelsche
en duitsehe talen. De knapen hebben dan, vooral in
°t griekscli en latijn, al wat grammatica geleerd, hebben reeds `Y`,
eene belangrijke schrede gedaan op den weg der ontwikke-
ling: de studie dezer beide nieuwe talen zal hun dus niet ·
moeijelijk vallen. Toch zou ik het, voor het goed aanleeren E
. van grannnatikale gronden en uitspraak, raadzaam vinden de l
beginnenden in deze vakken, dus de tweede en derde klas- 2
sen, wederom in drie sektien te verdeelen. Twee uren onder- i
rigt perv week voor de sektiën der tweede klasse, en drie uren j
voer die der derde zouden voldoende zün om en de uitspraak
en de graminatikale regelen te leeren. Ontvangen nu van de
Q volgende klassen de vierde drie, de vgfde twee en de zesde
T een uur onderrigt in de letterkunde van elk dezer talen, dan jj
{ moesten er 21 uren onderwijs gegeven worden door den I
T lceraar in de engelsche taal, en even zoo vele door dien in
de duitsche.
Ook op de vakken der wiskunde wensehte ik toe te pas-
‘ sen wat ik zoo even zeide over het nadeelige van met
velerlei te gelhk te beginnen; wel is waar kunnen er bij
’t lagere enderwüs reeds grondslagen voor deze wetenschap
gelegd zgn, maar °t moet in allen gevalle geen vereisehte
(i) Men zal vragen: waarom ook niet met de grieksehe? Doch men
bedenke, dat de beide oude talen hoofdvak zijn. Bovendien heeft de onder-
vinding mij geleerd, dat de taal, waarmee de leerlingen ”t eerst begonnen,
zijn, in hunne schatting ook later de voorkeur blijft wegdragcn. Natuurlijk,
want, terwijl zij met deze al eenigzins overweg kunnen, moeten zij zich
dan bij de andere nog bezig houden met de meer drooge studie van de cer-
ste grannnatikale regels. XVil men volstrekt slechts met één onde taal begin-
nen dan zal elk literator mij toestemmen, dat het de grieksche moet zijn
zoo wel uit een taalkundig als uit een hisloriesch oogpunt.