HomeTegenwoordige toestand en plan tot hervorming van het Middelbaar OnderwijsPagina 26

JPEG (Deze pagina), 840.27 KB

TIFF (Deze pagina), 6.85 MB

PDF (Volledig document), 69.37 MB

24
waarop zij thans staat, en wier letterkunde beoefenen.
‘ Misschien zal menigeen met het oog op de hoogere gees-
telijke behoeften des menschen vragen: als door wiskunde
en grammatica zóó veel gedaan wordt Oll] het verstand der
jeugd te ontwikkelen, en door literatuur en geschiedenis om
haar smaak te veredelen, is dan de leeftüd, waarop dejon-
gelieden de middelbare school bezoeken, ook niet de regte
om hun gemoed te vormen; met andere woorden: moet het
onderwijs in de christelüke godsdienstleer niet een voorname
plaats innemen onder de wetenschappen, waardoor de jeug-
dige mensch, voor welk beroep hij ook bestemd zij, alleen
een nuttig lid der maatschappij kan worden (lj? - Al
stapte men ook heen over de bezwaren, die het godsdienst- i.
onderwijs op de school natuurlgker wnze altüd moet onder-
vinden in een land, waar de grondwet geen staats-godsdienst i
erkent, meenen wh toch deze vraag ontkennend te moeten ;
beantwoorden. Niet omdat de leer van Christus mij niet
boven alles ter harte gaat; niet alsof ik meende, dat men een
braaf mensch en een nuttig lid der maatschappü zou kun-
nen zijn zonder eerst christen te wezen; --­ maar, zou zulk
onderrigt goede vruchten dragen? ­­ De docent zou geen
sekteman mogen wezen, want dan zou hg reeds vroeg een
boozen geest van godsdiensthaat en onverdraagzaamheid bü ·
de jeugd opwekken ; hg zou ook geen dogmatiek mogen on- il
.. 1
derwijzen, want deze zwaar te verteeren kost behoort voor- «
zeker niet te huis bij °t middelbaar onderwijs, dat, vergeten
wij dit nooit, een algemeen vormenden invloed moet uitoefe-
nen; een whsgeerig of zedekundig stelsel zou in °tgeheel
(1) Deze vraag wordt onder anderen toestemmend beantwoord, en het
onderwijs in de Christelijke godsdienstleer (niet in die van eenige sekte)
op de gyinnasiën met aandrang aanbevolen in het werk van J. H. Deinhardt:
,, het gymnasiaal onderwijs volgens de wetenschappelijke eischen des te-
genwoordigen tijds, uit het hoogduitseh, met eene voorrede en aanteekenin­
gen van Mr. J. Bakker Kortf;"’ een werk, dat in ons land minder bij.
val heeft gevonden dan het verdient. Misschien is die weinige bijval wel
te wijten aan de wüsgeerige behandelingswijze en Hegeliaansehe terminologie
des schrijvers; misschien ook zijn de eischen, die de schrijver aan het mid-
delbare onderwijs doet, te streng konzekwont uit één beginsel afgeleid dan
dat ons wanhopig verward middelbaar onderwijs er nu reeds acht op zou
kunnen slaan. Xïïat in het jaar 1837 in Pruissen aan de eischen des tijds p
beantwoordde, is in 1860 voor ons, Nederlanders, een vooreerst nog onbe-
reikbaar ideaal! -­­ ·