HomeDe school en het wetsontwerp tot regeling van de positie van vrouwelijke rijksambtenaren en onderwijzeressen bij het openbaar laPagina 14

JPEG (Deze pagina), 834.88 KB

TIFF (Deze pagina), 6.55 MB

PDF (Volledig document), 16.39 MB

I2
‘ II.
Zij, die aan het opvoedingswerk in de school zullen
worden onttrokken.
Dat het onderwijs aan de gehuwde onderwijzeres met minder zeker-
heid van een goeden gang van zaken dan aan de ongehuwde
onderwijzeres kan worden toevertrouwd, is wel ee11e vooropgestelde
meening, maar is geen bewezen feit. Door den Minister wordt in
zijne Memorie van Toelichting (zie de Bijlage) dan ook terecht
zelfs met geen woord daarvan gewag gemaakt. Buitenslands schijnt
men in dit opzicht reeds zekere uitkomsten te hebben verkregen. _
In Italië zijn bij het Openbaar Onderwijs tal van onderwijzeressen
gehuwd. In Zweden, Noorwegen en Denemarken denkt men er
niet aan, de gehuwde onderwijzeres te weren uit de school; daar
is men het enkel nog maar niet eens over de vraag, ofde kosten
van plaatsvervanging ingeval van zwangerschap, moeten worden
gedragen door de aanstaande moeder zelve dan wel door den Staat.
In Zwitserland zijn vooral op het platteland tal van onderwijzeres- .
sen gehuwd. In Pruisen, waar het celibaat voor de onderwijzeres
verplicht placht te zijn, heeft men thans bij wijze van proef het aan-
· blijven van gehuwde onderwijzeressen tijdelijk toegestaan. De onder-
vinding hier te lande opgedaan is nog te beperkt om als bewijsmateriaal
voor of tegen te kunnen dienen ; door de11 Minister wordt er dan ook
‘ terecht geen beroep op gedaan. Trouwens, vergelijkende verzuimstaten,
zoo zij alreeds in genoegzaam aantal waren gepubliceerd, zouden
· niets bewijzen, zouden niets èzmrzezz bewijzen, daar bij het Open-
E baar Lager Onderwijs de positie van onderwijzers en onderwij- .
zeressen zoo geheel verschillend is. Reeds in haren opleidingstijd ·
wordt de aanstaande onderwijzeres gesteld voor de verkrijging
van een diploma meer, dat der nuttige handwerken; en dade­
lijk bij den aanvang harer werkzaamheden heeft zij te kampen
met langer werkuren (door de algemeen gebruikelijke verplaatsing
van het handwerkonderwijs buiten de eigenlijke schooltijden), met
_ lager salarieering dan haar mannelijke collega; staat zij meest
voor talrijker, namelijk de laagste, klassen dan hij, bij veelal
· kariger voeding, minder rust, schaarscher gelegenheid tot uitspan-
ning; en dat juist op eenen leeftijd, waarop het geestelijk en
je lichamelijk nog niet geheel gevormde individu geregelde rust,
1 gepaste uitspanning, goede voeding zoo dringend behoeft. Wat
wonder dan, zoo de gevolgen van dien ongelijken druk in de
l
li