HomeDe opvoedende beteekenis van de voor allen toegankelijke volksschool, in het licht der geschiedenis van het lager onderwijs en dPagina 87

JPEG (Deze pagina), 672.68 KB

TIFF (Deze pagina), 7.08 MB

PDF (Volledig document), 92.94 MB

EI
in
F!
87 1
d. i. om te vormen toekomstige Staatsbnrgers, maar ook ·
om te vormen den toekomstigen mensch. Dus ook niet
alle kinderen samen in één school: best, waar dit kan; j
maar niet de vogels van diverse pluimage bij elkaar. Dus:
bijzondere openbare scholen voor de onderscheidene groepen, gy
‘ naar het denkbeeld, uitgesproken in het wetsontwerp L. O.
van 1855 en ook voorgestaan door prof. v. D. WIJCK?
’t Wordt niet gezegd, maar blijkbaar bedoeld. j
Nog wordt uitgesproken de wensch van een breedere, j
ook godsdienstig-zedelijke opleiding van den onderwijzer,
van het zoeken naar overeenstemming bij de leden der bur-
gerlijke gemeente bg het benoemen der onderwijskrachten.
En «specifiek godsdienstige vorming>> wordt ook van de
school gevraagd. Meende men vroeger, dat uit algemeen 3
zedelijk leven als van zelf godsdienstig leven zou voortko­
men, studie en ervaring hebben die meening z. i. niet be- j
vestigd. Daarom onthoude zich de school niet meer op het
terrein van den godsdienst. In dien zin worde de onderwijs-
wet dan gewijzigd, dat de opleiding van de onderwijzers
beter wordt geregeld en dat aan de ouders gelegenheid wordt
gegeven, aan de benoeming van onderwüzers mede te werken.
Wat van deze wenschen te zeggen?
Het hoofdbestuur van het Nut beantwoordde de vraag
van den heer nu BUY c.s. naar zijne opvatting omtrent de
neutraliteit in het Juli­nummer 1906 der «l1ededeelingen>>
L in hoofdzaak, als volgt:
Allereerst wil het hoofdbestuur er op wijzen ­- al is
zulks voor en na reeds dikwijls door anderen gedaan ­ dat
de wet L. 0. het woord «neutraliteit>> niet kent noch
n noemt. De wet legt alleen den onderwijzer in de openbare
school den plicht op, zich te ont/tonclen van lets te leeren,
te doen of toe te laten wat strzjdig is met den eerblecl,

li
jl