HomeDe opvoedende beteekenis van de voor allen toegankelijke volksschool, in het licht der geschiedenis van het lager onderwijs en dPagina 84

JPEG (Deze pagina), 717.04 KB

TIFF (Deze pagina), 7.10 MB

PDF (Volledig document), 92.94 MB

i 84
God en zijn gebod. Dit moet de groote taak zijn, ook 4
j l van do Nutsscholen, zoo meent hij. En onder de beginselen I
t ’ van den christelijken godsdienst, welke hij dan ook op de ,
jv volksschool wil brengen, verstaat hij: het geloof in Gods
i zoekende en behoudende liefde voor iedere menschenziel,
het geloof in God, die ons het eerst heeft liefgehad. Geen ‘
ii, liiimcwiistiscke ethiek alleen, maar ook godsdienst in de
ik school, zóó klinkt de eisch. Daarom acht hij een vroom G
i · onderwijzer van orthodoxe richting beter dan een liberaal,
_ aan allen godsdienst vreemd.
«Nieuw Leven» (12 Mei 1906) zegt, dat het gaat om
de vraag, of de school ook den godsdienstigen zin bij het
kind heeft atm te kweekeii (te eerbiedigen, dit spreekt
in reeds van zelf). Het heeft bezwaar, dat het Nut niet
duidelijk verklaarde, «dat een godsdienstig woord in de
school noodig gerekend w0rdt.>> En het is van oordeel,
,' dat de kinderen inderdaad in de schoot noodig hebben: T
een woord dat opwekt tot dankbaarheid aan God, een
j woord, dat wijst op Gods almacht, op een eeuwige liefde,
op de zegenrijke goedheid des Vaders.>> Dit is het wekken
i` van een stemming. Zal die godsdienstige stemming worden
gewekt, dis het te pds komt? Of moet de school zich
e zwijgend onthouden; en alzoo haar eerbied openbaren?
Of die stemming kan worden gewekt bij de kinderen,
hangt van den onderwijzer af. Deze moet dan niet ongods- .
dienstig zijn.
L J. Bauiivxne JZN. verdedigde in de vergadering van moderne
predikanten, in April 1906 te Amsterdam gehouden, de
. volgende stellingen:
· De school is voor het meerendeel onzer burgers het groote
opvoedingsinstituut.
Willen wij geen opvoeding zonder godsdienst, dan kunnen