HomeDe opvoedende beteekenis van de voor allen toegankelijke volksschool, in het licht der geschiedenis van het lager onderwijs en dPagina 51

JPEG (Deze pagina), 662.43 KB

TIFF (Deze pagina), 7.08 MB

PDF (Volledig document), 92.94 MB

al
51
«Men zou nochthans kunnen vragen, of de godsdienstige
jl <<begrippen welke gemeen goed zgn van allen, behalve
,», «van de ongeloovigen, niet op de school zouden kunnen §_
«besproken worden. Het zwijgen daarover toch geeft den
ë «godsdienstige meer ergernis, dan het spreken er over bij
j <<den ongeloovige wekken kan.
<<()p grond evenwel van de ervaring, die geleerd heeft,
«dat ook ongeloovigen zich geërgerd hebben aan de ver-
j <<melding van godsdienstige begrippen, welke zij bij hunne
«kinderen niet wenschen aangekweekt te zien; op grond
«van de omstandigheid dat, als de kerk haar plicht doet,
«de school niet noodig heeft, zich met die taak in te
«laten, op grond van de onmogelijkheid voor den onder-
j «wi_jzer, zich gtusschen al {die verschillende meeningen te
«hewegen, zonder aan de eene of de andere zijde te
= «kwetsen, meenen wij, dat alle godsdienstonderwijs gedu-
, «rende den gewonen schooltijd van de school moet weg
<<blij ven. >>
i En om aan alle misverstand een einde te maken en
i duidelijk te doen uitkomen, dat het op de openbare school
_, om vorming tot zedelijkheicl (op den boom van het christen-
dom geënte zedelijkheid) te doen is, gaf de commissie den
wensch te kennen, dat de woorden van art. 23 der wet ii;
i van 1857: «aan hunne opleiding tot christelijke en maat-
I schappelgke deugden» werden vervangen door <<aan hun
opleiding tot alle maatschappelijke deugden en van hun
zedelijke vorming.»
E
Intusschen was, na de <<evangelische» of «Groninger» gif
richting, de moderne richting op godsdienstig en theologisch
A gebied opgetreden, welke het recht van de kritiek op den
bijbel door steeds meerdere godsdienstig-vrüzinnigen in ons

`