HomeDe opvoedende beteekenis van de voor allen toegankelijke volksschool, in het licht der geschiedenis van het lager onderwijs en dPagina 37

JPEG (Deze pagina), 661.04 KB

TIFF (Deze pagina), 7.05 MB

PDF (Volledig document), 92.94 MB

1
1
37

zich noemende christenen, die kan dogmatische opvatting
van het christendom, met den bijbel, als bron voor die
opvatting, wensehten in de school te zien gebracht, werden
alleen geëerbiedigd in negatieven zin: men onthield zich,
omtrent die begrippen in de school iets te leeren.
De voorstanders van den geopenbaarden bovennatuurlijken
godsdienst konden daarom met de wet van 1857 geen
vrede hebben. jg
De middenweg, tot bevrediging voorgesteld in het wets-
ontwerp van 22 September 1854, was deze, dat weliswaar
de gemengde school tot regel voor het openbaar onderwijs
zou worden genomen, naar daarbij zou worden bepaald,
dat afzonderlijke openbare scholen mochten worden opgericht
voor kinderen van éénzelfde gezindte.
De Regeering van 1857 achtte het evenwel onmogelük, dit
denkbeeld toe te passen; niet alleen, omdat men bg die
toepassing rekening zou moeten houden met de 17 gods-
dienstige gezindten, welke in enkele groote gemeenten
waren vertegenwoordigd, maar ook, omdat vele kleinere
gemeenten nauwelijks ééne openbare school zouden kunnen
onderhouden.
Maar zij meende, dat in enkele groote gemeenten splitsing
naar godsdienstige gezindte zou kunnen plaats vinden, in
dien zin, dat cle benoeming van het onclerwtjzencl personeel
_ aan ole onclerschelclene openbare scholen zon kunnen ge-
l" sohleclen op die wzjze, dat althans de sterkst oertegenwoor­
dlgcle gezinclten in die gemeenten ieder een eigen school
ontvingen, met geestoerwante onclerwgzers. Zóó zou aan E
het onderwijs in die scholen een bepaald godsdienstige
kleur kunnen gegeven worden, zonder dat anderen werden f;
geërgerd. i k
Maar de overgroote meerderheid in de Tweede Kamer