HomeDe opvoedende beteekenis van de voor allen toegankelijke volksschool, in het licht der geschiedenis van het lager onderwijs en dPagina 18

JPEG (Deze pagina), 715.38 KB

TIFF (Deze pagina), 6.97 MB

PDF (Volledig document), 92.94 MB

16
kinderen der armen naar school te laten brengen, <<ofschoon
de ouders in dezen negligent en zuimachtig zün>>. Ook
wordt den predikant gelast, dat geen buitemmeesters, hetzü .
Papisten, Mennonieten of anderen, bijscholen houden. Zü t
zullen deselve weren en, naar hun vermogen, distrueeren.
i Men ziet uit deze voorbeelden, dat de school feitelük een ,
instrument was van de heerschende kerk.
De Waalsche scholen, na de herroeping van het edict
van Nantes in 1685, door de fransche refugiés gesticht,
waren de eerste, welke niet opgericht werden door en
onder directen invloed van de kerk.
Intusschen ging het onderwijs zelf in deze van de
heerschende kerk feitelijk geheel afhankelüke openbare
scholen in de 18de eeuw achteruit. De gewestelüke en plaatse-
lijke reglementen hadden wel goede voorschriften gegeven,
maar deze werden veelal niet getrouw opgevolgd. Bepaalde
voor alle scholen geldende algemeene beginselen ontbraken;
men voelde het gemis van een degelijke organisatie van het
onderwijs, van samenwerking en verantwoordelijkheid, van
goede lokalen, van bekwame onderwüzers en geschikte
leerboeken.
Deze gebreken werden in de tweede helft der 18d° eeuw,
aangewezen door particulieren, als J. H. SWILDENS, alsmede
door Vereenigingen, als de «Hollandsche Maatschappij van
wetenschappen>>, het <<Zeeuwsch Genootschap>> en de <<Maat-
schappij tot nut van ’t algemeen>>, welke laatste, den
12*** November 1784 opgericht te Edam en sedert 1787
te Amsterdam gevestigd, niet alleen de gebreken der
toenmalige scholen met den vinger aanwees, maar ook
aangreep de middelen om deze te verbeteren. Had reeds de
door de Hollandsche Maatschappij uitgegeven <<Oeconomische
l