HomeDe opvoedende beteekenis van de voor allen toegankelijke volksschool, in het licht der geschiedenis van het lager onderwijs en dPagina 107

JPEG (Deze pagina), 726.31 KB

TIFF (Deze pagina), 7.08 MB

PDF (Volledig document), 92.94 MB

107
onze zedelijkheid, omdat daardoor onze zedelijke drang
wordt de levende werkelijke inhoud van onze religie,
waardoor de zedelüke eischen in ons worden tot volstrekte
eischen, welke zich doen hooren, niet slechts met een «gij
zult>>, volgens KANT,S <<categorische imperatief>> ~~ maar
§ ook met een <<God wil het.»
Dat overigens godsdienst, ook in bovengenoemde alge-
meenen zin, en zedelijkheid van elkaar te onderscheiden zijn,
bewijst reeds het feit, dat bovengenoemde band tusschen
beiden alleen is uitgesproken in de zoogenaamde ethische
godsdiensten, d. i. in die godsdiensten, waarin, volgens
de voorstelling der godsdienstigen, de godheid is de drager
en handhaver van zedelüke geboden., gelijk bij den
lsraelietischen en den christelgken godsdienst het geval is.
En bij de aanhangers van deze ethische godsdiensten zijn
deze twee, hoewel niet gescheiden, als wortelende in het-
zelfde natuurlijk innerlijk bewustzijn van den mensch, toch
wederom te onderscheiden, als de uit dat bewustzün voort-
vloeiende religieuse levensopvcttting of levensbeschouwing
(: godsdienst) en de daaruit voortkomende levensrlchtlng,
waardoor ons gedrag, onze handelingen worden geregeld als
zedelijk gedrag, als zedelyke handelingen (: zedelijkheid.)
Van dezen idealen, ndtmlrlü/sen, zedelgken, ttlgenzeenen
godsdienst moeten nu wèl onderscheiden worden: de ver-
schillende godsdiensten, zooals deze op den ondergrond van
dit algemeen menschelijk religieuse bewustzijn zgn gebouwd,
als voortgezette, in bijzonderheden nader uitgewerkte
beschouwingen omtrent den aard der betrekking van den
mensch tot het geheel, tot den geest, de ziel van het
geheel, tot God. Deze nadere beschouwingen, vruchten van
de reflectie van het denken over dat innigst bewustzgn,
verschillen bij de onderscheidene volken en bij de onder-