HomeBeschouwingen over de verdediging van NederlandPagina 66

JPEG (Deze pagina), 754.66 KB

TIFF (Deze pagina), 7.37 MB

PDF (Volledig document), 53.34 MB

Q ,;»_ ,_,,m,r;;auw.«.u,.,,t..,..,;,...m.a;mW;;,.m,,..“mw.r...,,,..,........,r,,.n.,...m,..-a-.`.-..... ..,,.. -,.....««=«;»--m.QLL;LlLïlll;ldL gg .
.;»
56
De hier voorgestelde organisatie zal eerst tot stand gebragt
‘ wezen, zoodra gedurende vijf jaren 16.000 miliciens geligt
zijn, zoodat de uitbreiding van Officieren en Kader geleide-
lijk kan plaats hebben, waarbij de ondervinding zal leeren
in hoeverre militie-kader te vormen is, dat aan billijke eischen
voldoet.
Zien wij juist, dan ligt in het partij trekken van de krach­ ­ ‘
ten, welke naar geest en ligchaam goed ontwikkelde lotelin-
i gen in het leger zullen brengen, de oplossing van het vraag-
l stuk, om in Nederland met de minste uitgaven de krachtigste
verdediging te verkrijgen.
Het budget van Oorlog zal na vijf jaren waarschijnlijk geen
veertien millioen guldens meer vorderen.
Maar al moest dat bedrag voor een goed ingerigt verdedi-
, gingsstelsel besteed worden, zou het dan een te zwaar offer
zijn, om onze onafhankelijkheid, ons volksbestaan, te ver-
zekeren?
_ In bijna elk Rijk van Europa worden voor het krijgswezen
, zwaarder lasten zonder morren gedragen, vaak tot een minder
edel doel dan de beveiliging van het grondgebied van den Staat. lj
De uitgaven, daartoe gevorderd, zullen dus de krachten
j niet te boven gaan van het volk, dat een der rijkste en wel- l
I varendste van Europa is. Veeleer is onze natie verpligt zich
te herinneren dat WILIJEM I, de Stadhouder, aan de Staten ,
., van Brabant schreef: ,,dat hg met de Hollanders en Zeeuwen Y
jj besloten had, den krüg tegen den Koning van Spanje voort ,j'
te zetten tot den laatsten man en den laatsten gulden.”
al 'l`oen werd dus de grens van het weerstandsvermogen van
een vrijheidlievend volk geacht die van de uiterste kraohts- r
inspanning te wezen.
E Men wane echter niet, dat wij een buitensporig opdrüven
l van het budget van Oorlog voorstaan; wij achten dat zelfs
strijdig met het welbegrepen belang van ons krijgswezen. ~
_ ·
” 1
ti j Y