HomeBeschouwingen over de verdediging van NederlandPagina 53

JPEG (Deze pagina), 693.89 KB

TIFF (Deze pagina), 7.24 MB

PDF (Volledig document), 53.34 MB

,5; · » Q
43
_ ~ B. Passieve verdedigingsmiddelen. g
Hoezeer de sterkte der levende strijdkrachten niet uitslui­ ­ i
tend afhankelgk is van de liniën en vestingen, die in tijd
van oorlog bezet moeten worden, is echter een overzigt van
het vestingstelsel noodig, zal men een helder begrip verkrij-
gen van onze verdedigingsmiddelen.
Het vestingstelsel omvat, volgens de jongste officieele op- V
gaven, de onderstaande hoofdliniën en stellingen: '
ez. De Nieuwe Hollandsche waterlinie van de Zuiderzee L
langs Utrecht tot de Lek, van de Lek tot de Merwede ij
en van daar, door het land van Altena, tot den Bies-
bosch; ,
Z2. de reduit-stelling van Amsterdam, in aansluiting met
de centrale Nieuwe Hollandsche waterlinie, benoorden li
Nieuwersluis, begrepen in a;
c. de. stelling van den Helder;
ol. de stelling langs den IJssel, de Willemsvaart en het l
ii Zwarte Water;
c. de stelling van de Over-Betuwe met die van Nijmegen;
f de zuidelijke waterliniën van St. Andries tot Geertrui- ' “
denberg. ‘
g. de stelling van Willemstad, met het fort aan de spoor- T
wegbrug over het Hollandsch Diep; l
/2. de stelling in het land van Voorne;
z`. de Grebbe­stelling met de linie in de Neder-Betuwe; i
k. de stelling Groningen­Delfzijl. W
Hierbij is van het denkbeeld uitgegaan, dat het ondoenlijk
is, de verdediging van ons land aan de grenzen te beginnen,
i maar dat deze moet worden geconcentreerd, ‘
in het Oosten tot de lün van den Neder-Rhijn, den Gel- g
derschen IJssel en het Zwarte Water; j
in het Zuiden tot de lün van de Waal, de Maas van af
l
E
I