HomeWaarom Engeland België te hulp gekomen isPagina 11

JPEG (Deze pagina), 766.30 KB

TIFF (Deze pagina), 6.01 MB

PDF (Volledig document), 10.07 MB

9
Gelukkig werden wij niet voor dit alternatief geplaatst. Toen
ter tijd bracht Duitschland’s staatsbelang het geenszins mede het
openbare recht in het aangezicht te slaan in plaats van het te ha nd-
haven. Bismarck aanvaarde het traktaat terstond. en `Franlcrijk
volgde korten tijd erna, na eenige aarzeling. Belgie haastte zich
van zijn gevoelens blijk te geven. " Naast de onwischbare aan-
hankelijkheid van het Belgische volk aan zijn zelfstandigheid ”--
,, zoo stond er in een adres van het Belgische volk aan Koningin
Victoria-°‘ is het levendigste gevoel, dat onze harten vervult, het
1 g gevoel eener onvergankelijke erkentelijkheid."
A in Het was dit doorluchtige toonbeeld, dat Sir Edward Grey de
° keuze had te volgen of te verloochenen. Zijn keuze was inderdaad
` een zeer beperkte. In Juli 1914: was hij verplicht, te vragen, wat
Gladstone vroeg in Augustus 1870. Kon hij, toen hierop geen
, antwoord kwam met Duitschland’s weigering genoegen nemen?
Naar onze rneening alleen dan als België ons van onze verplichting
had ontslagen. Had België zijn recht op bescherming laten varen,
of had het ons uitgenoodigd enkel een diplomatiek protest in te
dienen, wij hadden erin moeten berusten. Had België besloten zich
voor een force majcwe te buigen, wij zouden het recht niet hebben
gehad het in de verschrikkingen van den oorlog te dompelen.
Maar toen België om onzen bijstand smeekte, had het ’t
onwrikbare besluit genomen, alles in het werk te stellen, alles in de
waagschaal te werpen.* Dat besluit werd aan onze regeering
kenbaar gemaakt in den vorm eener plechtige vordering, door den .
Belgischen Koning en door het Belgische volk tot ons gericht, een
beroep op ons, als de waarborgers van Belgie’s vrijheid, om onze
traktaatsverplichtingen jegens België na te komen. Wij stonden
derhalve voor de keuze tusschen trouweloosheid-welke het verloren
gaan van België tengevolge zou hebben gehad-en de tegemoet-
koming aan het beroep van Bel gie, met den zedelijken en stofïelijken
U steun, welken Gladstone het bood. Wij hadden het traktaat van
i 1839 kunnen verloochenen, als een werkelijk bindende verbintenis,
_ op grond, dat een inbreukmaking erop, door een der waarborgers
x van het traktaat gepleegd, elke andere waarborgende mogendheid
1 · dientengevolge ontheven was van de verplichting lom, alleenstaand,
het traktaat te verdedigen. Maar welke rechtbank van onpar-
I * " De regeering des Konings," dus schreef op 5 Augustus de heer
Davignon, de Belgische Minister van Buitenlandscho Zaken. "is vast
besloten met alle beschikbare macht den aanval op zijn onzijcligheid af
` te WB1‘6I1.,’ Dezelfde verklaring werd op 3 en 4 Augustus afgelegd.
overeenkomstig den inhoud der bijzondere circulaire, den 22sten Juli door
den heer Davignon verzonden.