HomeDuitschland's voeding van buiten-afPagina 27

JPEG (Deze pagina), 568.77 KB

TIFF (Deze pagina), 4.88 MB

PDF (Volledig document), 26.28 MB

' t I
‘ 1
25
meenen, dat Duitschland van haar eigen bond-
genoot, Oostenrijk-Hongarije, een heeleboel zou
kunnen loskrijgen, bovenal tarwe, die in Hon- i
A _ garije zoo overvloedig groeit. Maar de tarwe- i
E Q oogst van 1914 was in Oostenrijk-Hongarije 1
V beslist arm, zoo iets als 17% beneden het gemid-
l delde van 1912-’13, en de rogge-oogst haalde {
» nauwelijks het gemiddeld cijfer voor deze twee I
jaren; er was dus, vergeleken met de gewone j
consumptie, een opvallend tekort. De staatslie-
den der Tweevoudige Monarchie zagen zich
derhalve voor dezelfde moeilijkheid geplaatst i
. als hunne Duitsche bondgenooten en hadden in
geen geval koren te missenët In tegenstelling i
met Duitschland ontbrak het hun aan een over- i
dadige aardappel-produktie, om hierop in tijd j
. van nood te teren en hun manier om den
broodvoorraad zoolang mogelijk te doen strek-
·· ken was het verordenen van een vermenging met
* « mais.
tg Van andere voedingsmiddelen dan graan is
it . het Duitschland echter mogelijk geweest,
rl belangrijke hoeveelheden van onzijdige landen
te koopen. De politiek dezer landen ging
_ natuurlijk van het streven uit om de hoeveelhe-
den die zij voor eigen verbruik behoefden te
_ * Zie Prof. Schindler von Bfllllllg-ïl1)_é11lASt2l1wt>wLkIl]Ll­
. wirthschaftliche Presse " van S Mei, 1915.