HomeEen woord over het achtste hoofdstuk der staatsbegrootingPagina 7

JPEG (Deze pagina), 1.03 MB

TIFF (Deze pagina), 7.80 MB

PDF (Volledig document), 13.22 MB

k
ll
et
v ll
r , g.
j teins­epaulet dragen en daarbij niet meer dan f /1200 bezoldiging, zonder eenige
j schadeloosstelling, ontvangen. Niettemin komen zij op de begroeting voor het
volgende jaar niet voor eene traktementsverhooging in aanmerking, en wij j
geleoven alzoo wel te doen door de belangen der kapiteins plaatselijke­adju- ·
danten bij deze gelegenheid onder de welwillende aandacht van hoogerhand te
‘ brengen.
i Voor het onderhoud en de kazernering in de vestingen Bergen·op-Zoom,
l Breda, Grave, Maastricht en Venlo vindt men in de begroeting uitgetrokken
i eene som van [ 79.500. Wij vestigen de aandacht op dat vrij aanzienlijke bc-
drag, omdat het eenigzins kan beschouwd worden als de uitdrukking van de
` beginselen der regering omtrent een vijftal vestingen , wier behoud , naar de
heden ten dage bij elken deskundige gevestigde, en door niemand meer be- g
_ streden wordende overtuiging, eenmaal de verdediging des vaderlands zal ver-
ji lammen. Wij zeggen: de beginselen der regerizzg, omdat dit, hoe onverwacht
j dan ook, tot veler grieve_nde teleurstelling, ten vorigen jare bij de beraadsla- i
gingen over het budget van Oorlog, aan het licht is gekomen. Bij de her~
haalde malen dat dit onderwerp in dit tijdschrift is behandeld, gelooven wij het
voorts onnoodig die overtuiging nogmaals met redenen te omkleeden. Even-
wel vordert de eerlhkheid dat wij vermelden , dat van de zoo even genoemde
« ~ som nagenoeg een derde gedeelte moet strekken tot onderhoud der metsel­ en i
j timmerwerken, aardewerken, enz., terwijl ruim twee derde gedeelten meer `
tt bepaald zijn aangewezen tot het onderhouden, herstellen of verbeteren van ka-
i zernen , stallen en magazijnen. Daaruit volgt nu wel, dat indien de door ons l
j als schadelijk beschouwde vestingen geslecht werden , jaarlijks f 25.500 bespaard
l zouden worden; maar wat de kazernen , enz. aangaat, is het duidelijk dat zoo
I deze niet in een der bovengenoemde vestingen gebouwd of onderhouden wer-
‘ den, zulks elders zou moeten geschieden , daar het leger toch onder dak moet
j kunnen gebragt worden en, voor zoo verre ons bekend is, in geene enkele
garnizoensplaats seldatcnverblijven over zijn. Uit een {inantiëel oogpunt levert
dus het behoud van de Noord-Brabandsehe en Limburgsehe vestingen voor het
_ oogenblik geen ander nadeel dan het jaarlijksch verlies van een vierde ton
Q gouds, daargelaten de gelden welke bij verkoop der vestingwerken in de schat-
j kist zouden kunnen vloeijen; maar aangezien het meer dan waarschijnlijk is dat
ii de tijd niet meer in een ver verschiet ligt, waarop het gezond verstand zal
{ zegevieren , en de straks bedoelde gronsvestingen voor de nieuwere begrippen
i omtrent de landsverdediging zullen vallen, zal dan ook de noodzakelijkheid ge~
j boren worden om elders kazernen te bouwen, en zal men in nieuwe kosten
vervallen.
i `Was er echter geen ander dan een finantiëel nadeel verbonden aan het be- V
j houd der schadelijke Noerd­Brabandsche en Limburgsche vestingen, het kwaaü
zou zee erg niet zijn; en wanneer wij hier, bij gelegenheid eener nieuwe be-
l groeting , de aandacht vestigen op de sommen , uitgetrokken voor de vestingen
i Maastricht en Venlo, Bergen­op­Zoom, Breda en Grave, dan geschiedt dit
j minder om te wijzen op het geldelijk verlies dat de staat jaarlijks ondergaat
E B V RF
i jïi
|
l
Q .
I fa.