HomeIets over het daarstellen van een wenschelijk verband tusschen het leger in Nederland en dat in Nederlandsch IndiëPagina 7

JPEG (Deze pagina), 918.61 KB

TIFF (Deze pagina), 8.11 MB

PDF (Volledig document), 15.78 MB

«- H c =’‘ ’"W"·r·r~‘ we · ï‘ ~ - *·*‘¢·¤-­‘­­¥¥·ïV~~:-“T~ïï:ïti’;ï··~;­;ïV~·­;­-­··­’·‘r.ïi ·#
l
?l z.
i I
g za
j het Europeesch element er zijnen invloed en zijn overwigt ten allen tijde
Q blijven behouden.
Indien bij gezonde begrippen van staat- en volksltuishoudkunde als hoofd-
beginsel geldt, dat de verschillende takken van algemeen bestuur elkander
raadplegen en zooveel mogelijk in overeenstemming handelen, tot liereiking
li en bevordering van algemeene belangen, zoo moet niet minder voorop ge-
steld worden, dat diezelfde takken van bestuur verantwoordelijk zijn, ieder
voor zijne eigene verrigtingen: even als al wat aan hunne bijzondere zorgen
is toevertrouwd, goed en behoorlijk zij geregeld. Die medewerking, dat l
wederkeerig dienstbetoon zijn vooral noodzakelijk bij de Departementen van
it Koloniën , Marine en Oorlog, zonder echter ooit te mogen ontaarden in eene
f afhankelükheid , waarbij de belangen van het eene Departement zouden opge-
offerd worden aan die van het andere, of wel, dat liet eene zonder billijke
g schadeloosstelling zich ten koste van het andere bevoordeele. Hiervan uit-
gaande, stellen op den voorgrond , dat Indie bij een zelfstandig leger
ook een zelfstandig depot moet bezitten , dat steeds in staat zij al de onde1·-
ij deelen van dat leger te kunnen aanvullen en versterken, en hoewel dat depot
uit den aard der zaak hier te Zande gevestigd moet zijn en zijne rekru-
tering zooveel mogelijk onder Nederlanders geschiedde, zulks echter nimmer
K plaats mag vinden, ten koste van onze oorlogsbegrooting. Wij vragen of
_ de regtvaardigheid het niet vordert, dat voor elken vrijwilliger uit het Neder-
landsche leger getrokken , door de koloniale kas eene zekere som tot billijke
schadeloosstelling en weder aanvulling aan het Departement van Oorlog moest
7 worden uitgekeerd, ten einde de belangen van het Nederlandsche leger niet
langer aan die van het Indische op te offeren, zonder voor zoo menig ver-
jê lies althans eenig equivalent te erlangen ?
gt Na deze weinige woorden als inleiding, stellen wij ons de volgende vragen
ter beantwoording:
I. Is een naauwer en beter verband tusschen het leger in Nederland
en dat in Nederlandsch Indië niet te verkiezen boven eene vereeniging?
j II. Is een zoodanig verband mogelijk, en op welk eene wijze zou het
j_ zijn daar te stellen?
2 III. WVelke gunstige resultaten zou het voor beide legers kunnen op·»
1 leveren?
`t I.
t
'l`egen eene vereeniging der beide legers pleit niet alleen de verre afstand.
maar bovenal het groote verschil van klimaat, levenswijze , taal, zeden en
, gewoonten tusschen Nederland en zijne bezittingen, waaruit o. i., bezwaren
9 ontstaan. wier goede oplossing nimmer te verkrijgen zal zijn.
4
Fl
`