HomeIets over het daarstellen van een wenschelijk verband tusschen het leger in Nederland en dat in Nederlandsch IndiëPagina 13

JPEG (Deze pagina), 947.88 KB

TIFF (Deze pagina), 8.16 MB

PDF (Volledig document), 15.78 MB

V ’'`" . ï‘ï‘“"T"`"T,. f...,; ""T Y ...r;;;.g;;;;;;.;1.g;,..gg...3,;,,j.à;.g ‘
t E
door het Departement van Oorlog mogt worden overgenomen.- Ten einde
nu echter voor te komen, dat door eenen welligt steeds aangroeijenden,
meer en meer toenemenden vrijwilligen overgang tot deze reserve van het
Indische leger, ons eigen leger niet te veel worde uitgeput, - ten einde
het verlies aan kaders en vrijwilligers zooveel mogelijk door goede elementen
aan te vullen en te herstellen , ­- de Nederlandschejongelingschap het dienst-
nemen gemakkelijk te maken en den militairen geest bij ons volk op te
wekken en aan te kweeken, -1stellen wij eene wijziging voor in eene onzer
wetsbepalingen , welke gelukkig zonder grondwetsherziening en bijeenroeping
`*l" eener dubbele kamer te verkrijgen is.
Wij vermeenen op goede gronden te mogen aannemen, dat eene wijzi-
ging van Art. 556 (1) van het Nederlandsch Burgerlijk Wetboek (1** Boek ,
XV° Titel, van de vaderlijke magt) , in den geest van Art. 574 (2) van
het Code Civil (Liv. I, Tit. IX, puisscmce pateriielle), een krachtig wer-
kend middel kan worden, om gaande weg een grootcr aantal vrijwilligers te
bekomen, en wel van de beste soort.
Mogt onverhoopt eene zoodanige wijziging aan de wetgevende magt.,
minder geraden voorkomen , dan zoude welligt in de nieuwe wet. op de militie
- zoodanige bepalingen kunnen worden gemaakt, waardoor de plaatsvervan-
gers ten allen tüde voor Indië beschikbaar werden gesteld.
s, Landskinderen, die uit vrijen wil het vaderland wenschen te dienen,
l miliciens , die, na eenmaal den zuren appel van de eerste drildagen bij hun
korps doorgebeten te hebben, lust en ijver betoonen om vrijwillig plaats te
nemen in onze gelederen, ziedaar de soldaten, die men moet trachten te
verkrijgen; van hen kan men goede diensten verwaehten,en uit hun midden
kunnen goede kaders voortkomen. Zij toch vormen die echt nationale kern ,
zoo onontbeerlijk bij ieder leger, en indien zij al de dienst. in het moederland
in hoven die in de koloniën verkozen, zoo zouden de vrijwilligers daarvoor uit
het leger te trekken, door hen op eene waardige wijze aangevuld worden.
Die goede wil echter van vele milicicns, welke men nog op meer dan eene
wijze zoude kunnen opwekken of aanwakkcren , stuit gewoonlijk af op de
` weigering lmnner ouders of voegden om hun de daartoe gevorderde toestem-
ming te verleenen.
Geen vcrloopen vreemdeling, geen weggezonden of weggeloopen soldaat.
van andere natiën, geen luije of liederlijke sujetten door hooge handgelden
(1) Een minderjarig kind mag zonder toestemining van zijnen vader, het ouderlijk hui`.
niet verlaten.
(2) l’Eni`nnt ne peut ijuitter la maison pat.ernelli·, sans In permission <l«· son pè·i··, si te
n`esl pour enrölement volontairr, après Vàge de dix­l1nit ans iévolns.