HomeDe Engelsche expeditie tegen Chitral in 1895 beschouwd in verband met den oorlog van Nederland tegen AtjehPagina 8

JPEG (Deze pagina), 646.48 KB

TIFF (Deze pagina), 6.80 MB

PDF (Volledig document), 13.99 MB

6
Vooraf wordt hot volgende gerelcveord:
l°. De afstand van het punt van uitgang der expeditie
(Peshawer) tot het einddoel (Chitral) bedraagt ik 300 kilo-
meter (dat is jl; dezelfde afstand als die van den Helder
tot Bergen in Henegouwen, niet ver van de Fransche grens, j
en dus veel meer dan de afstand van de West- tot de ;
Oostkust van Atjeh, over de grootste breedte van het land
gemeten. Mëlaboe-Edi :: 215 K.M.).
2°. De expeditionaire macht der Engelschen bedroeg jl; en
l<L000 man, en was dus niet veel meer dan wij reeds in
Atjeh hebben gehad, en veel minder dan wij er kunnen
brengen als wij willen.
30. Het terrein waarin de Engelschen geageerd hebben
is woest en onvruchtbaar, en zeer moeilijk begaanbaar door
de vele gebergten.
_ 4i°. Van de vijanden was bekend dat een krachtig,
sober, vrijheidlievend en fanatiek bergvolk zijn, terwijl
· , UMRA-IQHAN, de usurpator die zoowel de aanleiding tot den
oorlog als de ziel van de verdediging was, als een energiek _
vorst bekend stond. (Dat hij zoo betrekkelijk spoedig het ll
verzet zoude opgeven kon van te voren niet worden ver-
moed, trouwens dit hebben de Engelschen te danken aan
hun eigen krachtig en voortvarend optreden). Ohitral alleen
heeft eene bevolking van 200.000 zielen.
Omtrent de oorzaak van den oorlog zij in het kort het
navolgende vermeld:
UMRA-KHAN , van Jandol, hoofd van de aan Engeland steeds
vijandig gezinde stammen van Bajaur, die hij, den een na K
den ander , aan zich onderworpen had, had ook in het Staatje
Dir, zijn broeder op den troon geplaatst na den vorst te
hebben verjaagd. Het meest deed echter van zich spreken ,
door zijn optreden in het land Chitral. (Zie de schets).