HomeHet Noordzee-kanaalPagina 25

JPEG (Deze pagina), 798.56 KB

TIFF (Deze pagina), 7.89 MB

PDF (Volledig document), 47.95 MB

I
ze l
woorden, maar door daden, moest niet opgehouden zijn niet M
zijne waarsehuwende stem te verheifen.
Thans verbreekt de sehrüver het stilzwijgen, >>nu de ondervinding l
uitspraak heeft gedaan? Aan geen bestrijding moest de crisis en M
val kunnen worden toegeschreven. De natuurlijke loop moest vroe-
ger of later daartoe leiden. j
De natuurlijke loop!
Eenige toelichting ware niet overbodig geweest. De Kanaal-
Maatschappij worstelende tegen het systematisch volgehouden wan-
trouwen, waarvan hiervoren gesproken is, moest eindelijk, volgens i
den heer Pijnappel, het onderspit delven. Drie jaren lang zag i
hij die worsteling aan met een geduld, eene betere zaak waardig;
eindelijk meent hij dat zijn tijd gekomen is, en zegevierend
) hij op het resultaat, als bewijs voor zijn doorzigt en tevens tot
l regtvaardiging van zijn tegenstand.
Er is ironie in die verklaring: >>aan geen besträding moest die
worden toegeschreven?
Zou stelselmatige onthouding van medewerking niet zeer naauw
verwant zgn aan bestrnding?
Maar >>de ondervinding heeft uitspraak gedaan/’
Die woorden klinken alweder apodictiseh. Ik mag betwijfelen
of velen het daarover met den sehrnver eens zijn.
Wat heeft de ondervinding tot heden ons geleerd?
Dat zonder eendragtige zamenwerking de zaak is en blijft bloot-
gesteld aan allerlei moeüelijkheden;
L dat door wantrouwen de beste firma, de beste maatschappij, de
beste aannemers gedwarsboomd kunnen worden in hunne operatiën;
dat, met de opregtste gevoelens bezield voor dezelfde zaak, men
die zaak in gevaar kan brengen, door verschil van meening over de `
middelen, welke men moet aanwenden om het doel te bereiken.
Niets meer en niets minder.
Voor vreemdelingen is die strijd in eigen boezem dan ook een raadsel. V
Bij het sluiten van ’t eontraet werden de tegenwoordige aanne- j
mers opmerkzaam gemaakt op dien strüd, maar men hoopte dat i
wantrouwen gaandeweg te overwinnen. Men kon niet rekenen op
de weergalooze hardnekkigheid van de tegenstanders.
En dit brengt mg tot de bewering:
ti , ?