HomeHet Noordzee-kanaalPagina 23

JPEG (Deze pagina), 845.83 KB

TIFF (Deze pagina), 7.92 MB

PDF (Volledig document), 47.95 MB

21
Wielke vruchten de llIaatschappij echter getrokken heeft van de
_ handelwijze des heeren Pnnappel zou ik niet kunnen zeggen.
Wel zegt hij (bladz. 24) dat hn een bewijs van groote vriend- ?
schap heeft gegeven, o. a. door de oplossing van de moeijelijkheid,
voortvloeüende uit art. 51 van ’t VVetboek v. Kooph., in verband `
met storting in arbeid in plaats van geld, maar 1nen heeft dat niet j
aan hem te danken. In het Handelsblad van 25 Januari 1865 X
werden door Amstelodamensis het eerst de denkbeelden ontwikkeld
om te voorzien in die moeijelijkheid, welke denkbeelden later zijn
J opgenomen in het Rapport van de Commissie van 18 Januari 1865, l
die haar verslag uitbragt den 31Swn daaraanvolgende. (De hierop
betrekkelijke stukken zijn overgedrukt in het Magazijn van Han-
delsregt, Deel VII, Mengelingen, pag. 178.)
Ik ben aan het einde van de lange reeks van beschuldigingen ,
l en onjuiste voorstellingen door den heer Pijnappel in zijne bro-
chure zamengevat. Ik moest eerst trachten enkele feiten in ’t ware
licht te plaatsen. `
Zoo ik vertrouw, zal bg aandachtige lezing van dit antwoord, in ,
verband met de bijlagen hier achtergevoegd, blijken dat:
1°. de zaak tot dusverre niet die medewerking gevonden heeft,
welke men regt had te verwachten; 1
2°. de handelingen van ’t voorloopig Bestuur niet verdienen in
dat ongunstig licht geplaatst te worden als de geachte schrijver j
doet: door die handelingen toch is de concessie behouden, zijn de
3 millioen subsidie van Amsterdam gered, is het werk aangevangen, l
zoodat thans geen strijd gevoerd wordt over het al of niet voltooijen,
` maar alleen over het middel waardoor eene spoedige uitvoering het
best te verkrijgen zou zijn; J
3°. de verdediging van den heer Pijnappel, wat betreft zijn
wèl storten op één aandeel en het niet storten op vier, niet ge-
lukkig mag genoemd worden;
4°. dat zijn tegenstand niet was in het belang van de zaak, {
maar toegeschreven mag worden aan gekrenkte eigenliefde, toen men
niet verkoos naar zijne raadgevingen te luisteren en, mogelijk zon-
der zulks bedoeld te hebben, zijn tegenstand welkom was aan die
partij hier ter stede, die geen belang heeft het Kanaal en in
hem een welkomen verdediger harer belangen begroet. .
al