HomeHet Noordzee-kanaalPagina 16

JPEG (Deze pagina), 762.64 KB

TIFF (Deze pagina), 7.91 MB

PDF (Volledig document), 47.95 MB

14
Men vindt dit in zijne zegevierende houding als constateert
dat het eindelgk gelukt is het middel om de zaak tot stand te
brengen - de Kanaal-Maatschappij - geheel te diserediteren, al-
thans volgens zgne zienswijze; en als hg aan ’t einde van zgn
betoog het masker afwerpt, en ons een van hen aanschouwen
doet, die den Staat willen dwingen het werk te voltoogen, terwgl ze
geen grond hebben dat ze hun wensch verwezenlijkt zien.
Maar er is nog meer. ‘
In een ingezonden stuk (zie bijlage C), zegt de heerPg n appel:
>>te wenschen, dat men, na de genomen proef, ook even eerlijk
en met dezelfde goede trouw de Maatschappij zou ontbinden. Zijn
leus is: goed of niet. haat niets zoo zeer als een stuiptrek­
trekkend leven/’
Dat klinkt waarlijk schoon, en oppervlakkig beschouwd zou men
sympathie kunnen hebben voor zulke gevoelens.
Maar de heer Pgnappel vergeet dat door die ontbinding -
aangenomen dat die gewettigd was - ook de 3 millioen subsidie
van Amsterdam verloren zou gaan.
Vóór den 14f“ Maart 1865 moest het werk zgn ondernomen.
r Den 13" Februari zou het Bestuur gekozen worden. Zou dat
nieuwe Bestuur gereed zgn gekomen met een ander plan, en tevens
gezorgd hebben dat het werk vóór 14 Maart 1865 zou zgn aange-
vangen? De 3 millioen waren in waarheid het plegtanker voor de
geheele zaak. Door het volgen van Mr. Pgnappel’s raad zou
dus die zaak weder teruggebragt zgn tot den toestand vóór
1863. »
Wat echter nog meer afdoet is de ongegrondheid van de klagt
van Mr. Pgnappel, dat de aandeelhouders niet naar hem hebben
willen luisteren.
In de dagbladen van 10 Februari 1865 komt eene advertentie
voor, waarin de namen genoemd worden van hen die als Bestuur­‘
ders werden aanbevolen. De heer Pgnappel heeft thans erkend
dat hij die namen heeft gefluisterd. Zg waren i
Mr. J. HEEBISKERK Azn., E. N. RAHUSEN, P. N. MULLER, l
S. W. Jos. Jirrii, J. Bosman J.RzN., J. Boissnviair.
A. A. B1nNr.u·i·.
1
46* .