HomeLauwerzee-plannenPagina 16

JPEG (Deze pagina), 876.05 KB

TIFF (Deze pagina), 8.36 MB

PDF (Volledig document), 61.67 MB

l I4
minder geloosd zou zijn geworden door de andere sluizen
wegens lageren boezemstand, en ook nog met hetgeen door
de Nieuwe Zijlen en de Friesche Sluis in bedoelde periode
‘ was geloosd. Het pas gevonden bedrag was immers het
teveel; maar naast dit teveel moet evenzeer het bedrag
worden afgevoerd dat in 1894 reeds afgevoerd werd ge-
durende de beschouwde periode.
Als uitkomst van uitvoerige berekingen vindt de tech-
nische sub­commissie dat de totale hoeveelheid water af te
voeren naar de Lauwerzee in bedoelde veertien dagen = 27 `
getijen zou bedragen l36,l5 mill. M3. of gemiddeld per
getij 5,04 mill. M3.
Bij de verdere becijfering werd als laagwaterstand in het
Friesche Gat het gemiddeld laag water voor Augustus
aangenomen, waaruit, met inachtneming van verschillende
factoren die van invloed zijn, de afmetingen volgen voor
de sluizen in den afsluitdijk voor den Frieschen boezem.
Het bleek niet bezwaarlijk eene wijdte aan de sluizen te
geven waardoor aan den eisch van afvoer werd voldaan.
Maar ook de kanalen moesten in staat gesteld worden om
het gevonden bedrag naar den bergboezem aan te voeren
- en hier wringt de schoen.
Als hoofdtoevoerkanaal acht de commissie het wenschelijk
om het stroomkanaal van het Bergumermeer naar de Nieuwe
Zijlen te kiezen. Zou dit kanaal voldoen aan den eisch
om 5,04 mill. M3. per tij, aan te voeren, dan wordt voor
het kanaalvak bij de nieuwe Zij len een prohelsinhoud gevraagd
van ongeveer 365 M2., met een bodemsbreedte van l07 M.
en eene glooiing van 2: l.
Het kanaal wordt verder opwaarts achtereenvolgens gevoed
_ door Kollumerzijlsterrijt, Dokkumergrootdiep, Trekvaart,
Dokkum-Gerben­Allesverlaat, Zwaagwesteinderopvaart, en
Valomstervaart. Bij de uitmonding dezer voedingskanalen
ondergaat het hoofdkanaal achtereenvolgens vernauwingen
tot bodemsbreedte van l05, 96, 91 , 90 en 89 M. voor
het laatste kanaalvak bij het Bergumermeer.