HomeDe Maas, de Zuid-Willemsvaart en de wateraftappingen in BelgiëPagina 38

JPEG (Deze pagina), 713.40 KB

TIFF (Deze pagina), 6.38 MB

PDF (Volledig document), 55.79 MB

" , ‘& ‘‘· =* · ·­

g 50 -
al o
handelwüzc tot merkelijk nadeel van de scheepvaart moet.en
V strekken. Hoeveel te meer moet dit het geval zijn, wan-
I neer men jaren achtereen verzuimd l1eeft de noodige
werken tot verbetering van het vaarwater te doen daar- _
j" Li! stellen en zomerdroogten van tijd tot tijd hunnen invloed
i · doen gevoelen? Heeft de Nederlandsche Regering niet het
Z regt, ja, is zij niet verpligt, tegen dat alles te waken?
Zü heeft intusschen niets gedaan, ondanks de krachtige
‘ I stemmen, die zich over deze zaak verheven hebben.
Nadat de aandacht van onze Regering door den hoofd-
l Q i ingenieur Conalm op den aanleg van werken in België
1 was gevestigd, deden zich ook de nadeelige gevolgen weldra
H meer en meer voor de belanghebbenden gevoelen. De ver-
j mindering van de bevaarhaarheid van de Maas en de toe-
V nemende stroom in de Zuid­Willemsvaart deden al spoedig
eene menigte klagten over aanmerkelijk ondervonden na- {
_ deel ontstaan. In Augustus 1852 vestigde de Kamer van je
J, Koophandel te Venlo in een kort adres aan den Minister
" van Buitenlandsche Zaken de aandacht der Regering op l
. gj deze zaak. Op aandrang van de belanghebbenden rigtte de
M Kamer van Koophandel te Maastricht een krachtiger adres
aan den Kommissaris des Konings in Limburg. Het jaar
° verliep en dezelfde Kamer van Koophandel rigtte zich in .
Februarij 1855 met een nieuw adres aan den Minister
van Binnenlandsche Zaken , waarin zij zich ook beklaagde
over de belemmeringen , die de scheepvaart op de Zuid-
A Willemsvaart ondervond van de zijde der Belgische doua­ H
` iii : . . ,. .. . ...,.1,...,.,,,...,,, ,,...,,.,r.,...%e.,., i . i
«­5<<ïï.·:. .:·=« 1 1 ;;;r.....; ....‘ te i