HomeDe Maas, de Zuid-Willemsvaart en de wateraftappingen in BelgiëPagina 33

JPEG (Deze pagina), 659.21 KB

TIFF (Deze pagina), 6.41 MB

PDF (Volledig document), 55.79 MB

- ' I - Qi; 4­V,· 3eï.;e;=« --_·,.
25 V
é t . . .
« Om te betoogen dat er, zooals ik zeide, oonventionneel
[ regt bestaat, beroep ils mij op het verdrag van 5 November
1842, gesloten tusschen Nederland en België tot regeling W 8
i van al die belangen, welke betrekking hadden lot de vroe-
b gere gemeene huishouding van Staat en die niet waren ge- ·
regeld bg het vol/serenverdrag, dat ten jare -1839 te Lon- 8
den is gesloten.
>>Ilc behoef aan de vergadering niet te herinneren dat is
E het verdrag van 1842 zeer veel omvattend is geweest; dit
alleen wil ik zeggen, dat men daarbij niet vergeten heeft
noch de Maasvaart, noch de vaart op het Zuid­Willems­/ta- 1
naal. In art. 55 van dat verdrag wordt gezegd: <<De re- t
1 glementen en tariven bepaald voor den geheelen loop vande i
Zuid­Willemsvaart en de Dieze, beschouwd als hare voort- in L
b zetting tot aan de Beneden­Maas te Creveeoeur, zullen niet ‘
té dan met gemeen overleg tusschen de beide Gouvernementen b E
kunnen worden herzien.>> lbl
à »Ik lees dit voor, om wel te- doen uitkomen dat de Zuid- Q4 5
VVillemsvaart wordt beschouwd als een onderdeel van de ‘ 1
,¤ Maas, en dat de bepalingen, die voor de Maas gemaakt
l staatsregtelij/t , naar mijne meening , ooh toepasselijk V
zyn op de Zuid­VVillemsvaart. i s
»B@ art. 70 van dat verdrag is verder bepaald dat de g
N gemengde eommissiën, ingesteld by traetaat van 19 April
1859, binnen veertien dagen zouden bgeenhomen, ten einde A
I binnen drie maanden hare wer/ezaamheden te eindigen. Wat
de Maas betreft, is daarvan het gevolg geweest, dat er is
overeengekomen over een reglement betregende de vaart op