HomeOntwerp in betrekking tot Frieslands Handel, Nijverheid, Scheepvaart en Afstrooming, opgehelderd door 2 kaartenPagina 30

JPEG (Deze pagina), 653.35 KB

TIFF (Deze pagina), 6.91 MB

PDF (Volledig document), 22.12 MB

r 28
on zoeken daarin door hooger waterstand in de kanalen
verbetering voor afstrooming en scheepvaart beide.
Het statenbesluit van 9 November 1871 spreekt
, van verbetering naar de zuidelgke en westelrjke sluizen.
Die sluizen zijn principaal de Lemmer, Stavoren,
Hindeloopen en VVorkum, en Waarlijk, als men de be-
staande vaarvvaters naar die sluizen in oogenschouvv
neemt en moet aannemen dat ze door onze provincie
den kortsten weg naar zee aanbieden en het naast aan
Holland gelegen zijn, dan is verbetering in den thans
’ gebrekkigen toestand zeker dringend noodzakelijk.
`We droegen een plan ter verbetering voor naar
X/VO1`l{11ïI1 en Hindeloopen, maar wenschen die evenzeer
naar de havens van de Lemmer en Stavoren.
VVij zgn het echter volkomen eens met de heeren
Brunings en Galand, wanneer ze schrijven: ,,in het
algemeen is er geen ander middel om te ge-
· lijk de scheepvaart en den landbouw te hel-
pen, dan de kanalen, die voor de scheepvaart
dienen, af te scheiden van die voor den land-
bouw, dus van de afvvateringskanalen. De
scheepvaart verlangt hoog, de landbouw
daarentegen laag water."
Dus ook daar staan we geen halve, maar radicale
verbetering voor; we willen ook daar vaarwaters (hetzij __
door droogmaking, hetzh door verinuding), onafhanke-
lijk van de meren , en vertrouwen dat de 9 tonnen
gouds, in het waterstaatsplan voor het uitbaggeren
van poelen en plassen uitgetrokken, aan die verbete-
r ring beter en duurzamer besteed zullen zgn.
lgä V