HomeHet ontwerp-Ouderdomswet van 6 Februari 1914Pagina 26

JPEG (Deze pagina), 872.78 KB

TIFF (Deze pagina), 7.55 MB

PDF (Volledig document), 35.10 MB

. 24
‘ II. Het tweede bezwaar, dat de wet alleen loontrek-
" kenden ten goede komt en niet zoogenaamd zelfstan-
. eligen, is zeker van beteekenis. Het is bij de behande-
, ling der wet ook genoeg naar voren gebracht. Dit
j bezwaar zou niet bestaan, als er geen Rijksbijdrage
- ware; doch nu de Staat, volgens Art. 20, gedurende
‘ 75 jaren, telken jare tien-millioen gulden zal bijdragen,
is veel te zeggen voor de wenschelijkheid, dat niet alleen
, de leden eener bepaalde klasse daarvan zouden genieten.
Toch doe men ook dit bezwaar niet te zeer wegen. g
In de eerste plaats bestaat ontegenzeggelijk voor de [
~ klasse der zelfstandigen oneindig meer kans zich op j
te werken tot grooter welvaart, dan voor de klasse
der loontrekkenden; maar bovendien, hoe vele wetten
. zijn er niet, die zekere categoriën van burgers ten
. goede komen, terwijl andere categoriën, die het even-
zeer noodig hebben, daar voorloopig buiten blijven.
¤ Ook de wetgever kan niet alles op éénmaal tot stand l
·_ brengen. Q,
Hoe oud is reeds het weduwenfonds voor de amb-
· tenaren der Departementen van Algemeen Bestuur?
` En hoe lang heeft het geduurd eer voor andere amb-
tenaren, onderwijzers, gemeente-beambten en rijks-
l werklieden overeenkomstige bepalingen werden vast-
j gesteld?
Vergeten mag ook niet worden dat de bepaling van
Q degenen, die onder de Invaliditeitswet vallen, zeer ruim
I is gesteld. Volgens Art. 4, aangevuld door de Artt. 32,
52 en 354, omvat de regeling ieder, die bij wijze van
beroep, in loondienst arbeid verricht, tot een loon van
niet meer dan f 1200 (aanvankelijkf2000) perjaar, dus
L niet alleen den eigenlijken werkman, maar ook den
{ ambtenaar, den boekhouder, den handelsreiziger, de
dienstbode, de werkvrouw, de verpleegster, de kinder- _
heer Polak op IQ Februari, in de Eerste Kamer, dat toch niemand
· zich de illusie make dat een staatsuitkeering, eerst op 70-jarigen leef-
` tijd, en van f 2 per week, als voldoende zou kunnen worden gehandhaafd.