HomeHet ontwerp-Ouderdomswet van 6 Februari 1914Pagina 16

JPEG (Deze pagina), 889.91 KB

TIFF (Deze pagina), 7.37 MB

PDF (Volledig document), 35.10 MB

f
‘ 14
één bevoorrecht boven den ander; en zij willen hen, die
Q dit argument zullen bezigen, reeds vooraf beantwoorden.
; Ook dit antwoord zij ter wille zijner merkwaardig-
V heid hier afgedrukt: ,,Tegenover de bedeelden zelve
‘ wordt met de uitsluiting geen hardheid begaan. Zij,
die reeds vóór het bereiken van den leeftijd van 70
F jaren niet in staat waren, zonder de hulp eener instel-
· ling van weldadigheid, in hun onderhoud te voorzien
° en derhalve op dien steun aangewezen en daarvan
W afhankelijk waren, hebben geen gegronde reden tot
_ beklag, als zij ook na het bereiken van dien leeftijd
hun toevlucht bij die instellingen moeten blijven zoeken."
~ De Ministers spreken hier een gedachte uit, zij geven
een stelling; maar in hunne woorden is geen schijn of
· schaduw van argument of bewijs. Hoe kan een mensch met
_ verstand en gevoel tot zoo onredelijke uitspraak komen ?
Dus omdat men iets minder sterk van lichaam is dan
zijn vakgenoot, omdat men het dientengevolge een paar i
jaren vroeger moest opgeven, omdat men gedurende
die jaren steun verkreeg uit de daartoe bestemde
_ fondsen, daarom is het geen onrecht als men mag toe-
, zien dat die vakgenoot elk jaar f 104 ontvangt uit de
openbare kas, waar men in beter dagen zelf trouw zijn
‘ belastingpenningske heen bracht- maar zelf ontvangt j
^ men niets. Waar is bij deze redeneering de logica, i
waar het gevoel voor billijkheid en recht?
z Gevraagd mag ook worden hoe het zal gaan als
l iemand, die eenmaal ouderdomsrente geniet, van zijne g
` kerkelijke gemeente zijn schamel inkomen ziet aange-
vuld, eene omstandigheid, die zich zeker zal voordoen.
Wet en toelichting roeren dit geval niet aan; maar uit de
principieele omschrijving der rechthebbenden in Art. 1, l
· en uit het scherpe kantschrift ,,uitsluiting van bedeelden" W
mag worden opgemaakt dat zoodanige samenvoeging
in strijd ware met letter en geest van het ontwerp.
De vijfde § der Memorie bevat nog meer, dat niet ‘
. ongenoten mag blijven. ,,Intusschen geldt dit (dc uit- {
ï
l