HomeHet ontwerp-Ouderdomswet van 6 Februari 1914Pagina 15

JPEG (Deze pagina), 827.13 KB

TIFF (Deze pagina), 7.44 MB

PDF (Volledig document), 35.10 MB

13
nadeele van eene ratdoneele arvnverzorging, wanneer
de van ,,Armenzorg" ontvangen bedeelvlng het ouder-
domspensioen zou vitieeren."
Waarlijk er wordt niet bizonder veel kennis en er-
varing vereischt om in te zien hoe de hier ontworpen
regeling - gesteld het bijna ondenkbare geval dat zij
werd ingevoerd - noodlottig zou worden voor de be-
hoeftige ouden, en hoe zij _een knak zou geven aan
de zorg voor bejaarden, een der meest aantrekkelijke
vormen, waarin de nationale liefdadigheid zich uit. De
zorg voor den arme, wier ja of neen door niets mag
worden bepaald dan door den toestand van den arme,
zou het voorwerp worden van kansspel en berekening.
De Memorie van toelichting laat het echter niet bij
het genoemde argument. Zij vervolgt: ,,Verder zou het
toekennen van ouderdomsrente aan bedeelden er toe
leiden dat de gelden, die voor ouderdomsrente waren
bestemd, ten deele ten goede zouden komen aan ker-
kelijke- particuliere- en burgerlijke instellingen van
weldadigheid."
Nu mag toch worden gevraagd ,,ernst of kortswijl‘?"
Wie ondersteunen thans de behoeftige ouden? Immers
de kerkelijke- particuliere- en burgerlijke instellingen
van weldadigheid.
Deze zullen dit onder de ontworpen regeling niet
meer behoeven te doen. Zij zullen het ook niet meer
durven te doen. Na het zeventigste levensjaar zijn zij
· overbodig. Vóór dien leeftijd ware hun hulp eene be-
_ nadeeling van den arme.
Welke kas zal dus gebaat worden bij het invoeren
dezer zoogenaamde ouderdomsrente? Natuurlijk die
der instellingen van weldadigheid. Waar blijft dan de
bedoeling van den Minister deze bevoordeeling te ver-
hinderen? Inderdaad de waarde van dit argument
wordt zelfs door het vergrootglas niet gezien.
De Ministers voorzien dat tegen de voorgestelde
regeling zal worden opgekomen op grond dat zij den