HomeOpwekking der mogendheden, ter heirvaart naar ParijsPagina 32

JPEG (Deze pagina), 570.35 KB

TIFF (Deze pagina), 6.34 MB

PDF (Volledig document), 23.63 MB

ll (
E ` e *2 E
] t t
je l Ja, de afgeloopene eeuw trok af in spotgewaden, I
Met aller volken vloek om uwentwil beladen;
l Op de onze ook kleeft uw smet, en ook zij sterft in schaud’, j .
j Ten zij ze op ’t puin van u haar zegevanen plant’,
En bij haar’ aftogt juich’, dat de aard’ meer heils kan hopen
Van uwen val; dan Home ooit van Karthago’s sloopen;
Dat werd veroordeeld als een langverbeurde Staat ,
Eedbreukig, trouweloos, geslepen op verraad;
Met (16 3SCh Vêlll Clgëll kroost b€S[l1lV€I1d Zijflë 31[ï:lI`BIl;
De helden slaande aan ’t kruis, als zij verwonnen waren.
o Woede , zoo barbaarsch; nu schier niet meer geloofd!
Klom niet verfijnder kwaad het ruwer boven ’t hoofd? {
i Wan11eer verlichting zelv’ zich slinks heeft onderwonden; li
¥ i
Om, aan beschaving en aan tempeldienst verbonden;
Te zwaaijen zaam een toorts , bedriegelijk van gloed,
Dan is het; dat uit pligt het menschdom dwalen moet;
jj Dan wordt het misdrijf deugd, want de ondeugd geeft de Wetten ,
p En ’t zijn de schuldigen, die zich als Regters zetten;
4 ’t Begrip ziet bijster, en ’t misslepen spiegelglas
' E
j Geeft nu den voeten plaats, waar ’t hoofd verheven was.
‘ ` l
· v
l