HomeOpwekking der mogendheden, ter heirvaart naar ParijsPagina 27

JPEG (Deze pagina), 522.69 KB

TIFF (Deze pagina), 6.32 MB

PDF (Volledig document), 23.63 MB

li °i
i
J i
7
tl
Als de uitgedolven schat, verblindend door zijn gloeden;
Dáár ’t giftig slangenras een mengling spreidt ten toon, i
Van kleuren, aan ’t gesteent’ bijna gelijk in schoon: -­
Zoo Werd dezelfde plek, weleer door gansoli Europe
[ Ter woning scliier begeerd, schier aller wensch en hope,
V Ook ’t wilde woud gelijk, nu sohatrend van gezang,
‘ Eu dëllll, door (.ll1lSlZ€FDlS C11 ZXVl_jg€D, ]'1{2El1` GH billlgg
Waar oor en oog hem schoon tor zwijmlons toe kon smaken;
Maar tegen overval bij elken stap moest waken: j
Zoo werd zij de akker van alle onkruid, en het zaad
Besluitend van het door alle eeuwen steigrend kwaad,
= 5
Dus is het waarheid dan: Dat overmaat van ’t goede,
Gelijk ’l; een Wijze daclit, het scliaadlijkst euvel lxïoodde;
i En dat het allersclioonste en nuttigstc gewroelit
A Door ’t misdrijf ’t eerst en ’t meest tot werktuig wordt gezocht,
Ja daar was ’t in Parijs; ’t was binnen liare kringen
Goperkt, om over hen triomf en wee te zingen;
’r Was daar, dan in een stof, zoo vatbaar voor den brand,
Bampzalig viel de vonk, gestrooid door lrelsclio hand,
s lg
ä
M, ·r .r.. , ___, H gj N j W g ;·