HomeDe ontworpen nieuwe grondwet, zooals luidende na de thans vastgestelde voorstellen, Augustus 1887, met aanwijzing der artikelen Pagina 19

JPEG (Deze pagina), 595.13 KB

TIFF (Deze pagina), 3.65 MB

PDF (Volledig document), 23.62 MB

t ONTWORPEN NIEUVE GRONDWET. 17
I" regtstreeks gekozen door de mannelgkc ingezetenen der provincie,
tevens Nederlanders, die de door de wet te bepalen kenteekenen van
'1‘ geschiktheid en maatschappelgken welstand bezitten en den door die
wet te bepalen leeftijd, welke niet beneden drie en twintig jaren mag
19 zgn, hebben bereikt.
· Het tweede en derde lid van art. 80 zgn hierbg van toepassing.
u' De helft dier leden treedt om de drie jaren af.
__ Om lid der Provinciale Staten te kunnen zgn wordt vereischt, dat
nl 1116311 mannelgk Nederlander en ingezeten der provincie zg, niet bg
regterlgke uitspraak de beschikking of het beheer over zgne goede-
19 ren hebbe verloren, noch van de verkiesbaarheid ontzet zg en den
is ouderdom van vgf en twintig jaren vervuld hebbe.
De verkiezing van de leden der Provinciale Staten heeft plaats op
J' ; de wgze door de wet te regelen.
( ’ *128 (med 124). Niemand kan tegelgk zgn lid der Eerste Kamer
ig van de Staten-Generaal en lid der Staten eener provincie, 11och ook
B' , lid der Staten van meer dan eene provincie.
ir ‘ 129. De leden der Staten leggen bg het aanvaarden hunner betrek-
king den volgenden eed of belofte af:
,,1k zweer (beloof) trouw aan de Grondwet en aan de wetten des Rgks.
,,Zoo waarlgk helpe mg God almagtig!" (,,Dat beloof ikl")
m Zg worden tot dien eed (belofte) toegelaten na alvorens te hebben
l" afgelegd gelijken eed (verklaring en belofte) van zuivering, als hier-
boven in art. 87 voor de leden van de Tweede Kamer der Staten-
Generaal is bepaald.
?l` 130. De Staten vergaderen zoo dikwerf in het jaar als de wet be-
m paalt, en bovendien wanneer zg door den Koning buitengewoon worden
bijeengeroepen.
De vergaderingen zgn openbaar, met hetzelfde voorbehoud als ten
aanzien van de vergadering der Kamers van de Staten-Generaal is be-
l paald in art. 101.
G 131. De leden der Staten stemmen zonder last van of ruggespraak
u' met hen, die benoemen.
T` 132. Omtrent het beraadslagen en stemmen gelden de regels in de
Ik artt. 105, 106 en 107 ten aanzien van de Kamers der Staten-Generaal
in voorgeschreven.
ln TWEEDE AFDEELIXG.
H, Van de magt der Provinciale Staten.
· " Art. 133. Het gezag en de inagt van de Staten worden door de
wet geregeld met inachtneming van de voorschriften in de volgende
ar artikelen dezer afdeeling vervat.
Br 134. Aan de Staten wordt de regeling en het bestuur van de huis-
I" houding der provincie overgelaten.
Zg maken de verordeningen die zg voor het provinciaal belang noo-
dig oordeelen.
Die verordeningen behoeven de goedkeuring des Konings; deze kan
° niet worden geweigerd dan bg 6011 met redenen omkleed besluit, den
Raad van State gehoord.
135. Wanneer de wetten of de algemeene maatregelen van bestuur
het vorderen, verleenen de Staten lnmne medewerking tot uitvoering
"= daarvan.
i
_ /