HomeDe parlementaire enquete in de constitutionele statenPagina 8

JPEG (Deze pagina), 738.39 KB

TIFF (Deze pagina), 6.68 MB

PDF (Volledig document), 10.50 MB

5
E
te hebben gebruikt.) Omtrent de zz joint committees of
both Houses zz (bl. 50) had de S. met vrucht I'i[ATSELL7S
Preeedents Ill, 34. IV, 26, 194L kunnen raadplegen, een
klassiek werk van den voorlooper van Enskrnn MAY, even
als deze in de betrekking van Clerk aan het Parlement
verbonden. De oude parlementaire usantie omtrent de
bovengenoemde Tax­Bills wordt in het breede beschreven
vol. III, pag. 368, appendix 5, want Hntrsnrir. is gewoon
vooral zijne aanteekeningen rijk met historische nasporingen
te stoflbren. )Vij hebben zorgvuldig nageslagen , wat de S.
in deze en de volgende §§ aan het meer beknopt en bondig
werk van Ensrqrnn BIAY ontleent, wat betreft de wijze en
middelen van uitvoering bij het houden der verschillende
enquêtes; zijne vlijt en naauwkenrigheid verdienen allen lof.
Niet ongelukkig was de inval om uit de meer dan
4(ljarige staatkundige loopbaan van sir Rommr Pam. de
voorbeelden in § 3 te nemen. Na PYn is niemand te
noemen , door gezag en invloed als parlementslid aan dezen
staatsman gelijk: daarbij is door het werkzaam aandeel,
dat Penn aan elke beraadslaging nam, de inhoud zijner
Speeches als een spiegel der parlementaire geschiedenis van
zijnen tijd. Of evenwel de methode om door eene reeks van
voorbeelden iedere soort van enquête op te helderen de
meest verkieslijke weg zij , of de S. alzoo handelende, wel
volkomen is trouw gebleven aan zijn voornemen om de
historische wijze van ontwikkeling te volgen (voorrede bl. V)
willen wij niet beslissen. Het is bij de behandeling van dit
onderwerp, gelijk bij de meeste Engelsche instellingen,
eene eigenaardige moeijelijkheid, dat de wording, de ge-
schiedenis door de vrije werking en de versehijnsels van
het volksleven moet worden verklaard, en dat duidelijke
afscheiding van begrippen in het wezen der zaak gegrond
bij het nagaan harer ontwikkeling niet wel is vol te houden.
De uitdrukking van Prrr, zoo geliefd bij onzen schrijver
~we are the grand lnqnest of the Nation,«/ was in 1742
l