HomeTheorie en bewegingPagina 14

JPEG (Deze pagina), 834.72 KB

TIFF (Deze pagina), 7.37 MB

PDF (Volledig document), 35.69 MB

’ 12
het socialisme in de kracht en doelmatigheid van zijn nieuw
maatschappij­plan: of dit goed, schoon en uitvoerbaar was.
i Yoor den wetenschappelijken socialist echter ligt zij in de
ontwikkeling van het kapitaal en den klassenstrijd van het
proletariaat, dus in het baden; de beweging wordt niet
g`6ll7"01’k6’/Z door het toekomstbeeld, maar z·00r(g‘crZuzm’ door
; den klassenstrijd. Vat het wetenschappelijk socialisme leert
omtrent de toekomst, is slechts het resultaat van zijn
streven, om te erkennen, wat noodzakelijk is en te weten,
wrzarhcczz de beweging der wereld gaat.
De grondslag van het moderne socialisme is dus zuiver .
wetenschappelijk. ')
Wil dat zeggen, dat wij dus met eene automatische
beweging te doen hebben, waarin de wil, het bewustzijn
van den mensch niet zouden medespreken? Deheer Treub
beweert dit, waar hij zegt, 2) dat wij volgens de sociaal-
demokraten moeten komen tot eene kommunistische maat­
schappij, of men haar wenscht of niet, en die komen zou,
ook al zou zij eene vermeerdering van ellende brengen in
plaats van een verhooging van geluk.
Maar dat is eene karikatuur. Hij verliest daarbij uit het
oog, dat het belang der arbeidersklasse als overwinnende
klasse een belangrijk motief is in de redeneering, die ons “`
tot de socialistische produktiewijze brengt. Zeer zeker
leiden wij de toekomst af uit de ekonomische ontwikke- °E
A ling, maar de arbeidersklasse is zelf een ekonomische fak-
tor, en wel eene zeer belangrijke, en het is juist de klas-
senstrijd, waarin haar wil en belang zullen zegevieren, die
volgens onze leer het ekonomisch proces zijn beslag zal
E geven in de inrichting der maatschappij. De drijfkracht
der gansche ekonomische ontwikkeling is bovendien het
streven van den mensch, om op eene betere wijze in zijn i
levensonderhoud te voorzien. Deze zucht naar lotsverbete­
­ lj Mevrouw Roland Holst heeft uit een uitdrukking. voorkomend in
het verslag dezer rede in Het Volk, afgeleid, dat ik, door een scheiding te
maken tusschen theorie en beweging, de laatste in de lucht laat hangen
en dat nog wel, om den Calvinisten een pleizier te doen_
Na het reeds aangevoerde behoeft het zeker geen betoog, dat zij zich
onnoodig bezorgd heeft gemaakt.
2) Het ekonomisch standpunt der Vrijzinnig­Demokraten blz. 21.
l