HomeSociale verzekeringPagina 94

JPEG (Deze pagina), 915.45 KB

TIFF (Deze pagina), 8.02 MB

PDF (Volledig document), 96.61 MB

Q2
l ook die welke uit het verleden stammen, doordien de
. verzekeringsplicht niet vroeger werd ingevoerd, geheel
op het heden.
Dit stelsel brengt mede, dat na het overgangstijdperk,
bij gelijk blijvend aantal verzekerden en gelijkheid der '
onheilskansen, elk jaar evenveel moet worden opgebracht
l en dat, indien de verzekering op een gegeven oogenblik
eindigde, er zonder verdere bijdragehefüng genoeg in
kas zou zijn voor de nakoming der door de verzekerings-
l instelling reeds aanvaarde verplichtingen. D
Voor de berekening van de normale jaarlijksche kosten
bij de toepassing van dit stelsel wordt uitgegaan van de
i' onderstelling, dat voor alle verzekerden van het oogen-
l blik af dat zij den verzekeringsplichtigen leeftijd bereikten,
jaarlijks de noodige stortingen plaats hadden. Aangezien
J deze veronderstelling niet opgaat ten aanzien van hen
j die bij de invoering van den verzekeringsplicht den aan-
l° vangsleeftijd voor dien plicht reeds overschreden hadden,
is in dit stelsel, tenzij men den last der bijdragen tot
een onoverkomelijk hoog bedrag opvoere, onvermijdelijk
eensdeels dat zij voor wie die overschrijding reeds te
{ ver gevorderd is - bijv. de meer dan 45 jarigen ­-­
buiten de verzekering worden gehouden en anderdeels
. dat de staat als overgangsmaatregel bijspringt voor de
l in het verleden niet gestorte bijdragen van hen die,
I hoewel zij den aanvangsleeftijd reeds overschreden hebben,
wèl toegelaten worden.
jl Afgezien van den overgangstijd heeft dit stelsel het `
l voordeel dat het - in de zooeven gemaakte onderstellin-
l· gen - jaarlijks gelijke lasten op staat, werkgevers en . ·
verzekerden legt. Het nadeel van het stelsel is dat
, daarbij 1°. de lasten ongelijkmatig over het heden en
de toekomst worden verdeeld en dat wel ten nadeele
l van het heden, niettegenstaande de vruchten grootendeels
l eerst in de toekomst rijpen, en 2°. kolossale kapitalen
ë voor een ver verwijderde toekomst worden opgezameld.
Q Dit laatste óeh0.»y‘a’e nog geen overwegend bezwaar te
Q Y .