HomeSociale verzekeringPagina 64

JPEG (Deze pagina), 909.52 KB

TIFF (Deze pagina), 8.04 MB

PDF (Volledig document), 96.61 MB

l
62
overal en altijd de aangewezene, waar voor ongelijkheid
geene afdoende gronden zijn aan te voeren; met dit
voorbehoud dat er - gelijk wij aanstonds zien zullen -
voor den staat reden kan bestaan om een deel van den
last der bijdrage af te nemen van de schouders der eene
en niet van die der andere groep.
Om geen misverstand te wekken, voeg ik hier aan-
stonds aan toe, dat bij de ongevallenverzekering een
alleszins afdoende grond voor eene afwijkende regeling
b bestaat. Hier ontheft de verzekering den werkgever
‘ niet slechts van een moreelen plicht, maar van eene
2 civielrechtelijke verbintenis tot schadevergoeding; het is
, niet meer dan billijk de werkgevers de kosten dezer
ontheffing ten volle te doen dragen. Daar dit punt door
· onze ongevallenwet reeds in dezen zin beslist is, behoef
ik er niet over uit te weiden.
Een tweede opmerking zij hier nog aan toegevoegd,
ll die -­-­ hoewel van zelf sprekend - toch niet achterwege Y.
j kan blijven. De bijdragen der zelfstandige personen, die
jj niet in loondienst van anderen werken, moeten geheel
te hunnen laste worden gebracht.
De gelijke verdeeling der bijdragen over werkgevers en
,‘ arbeiders -- behoudens de gemaakte uitzonderingen -
eenmaal aangenomen zijnde, valt verder de vraag te
beantwoorden naar welken maatstaf die bijdragen zijn
te berekenen. Over het antwoord op deze vraag is men ,
j het vrijwel algemeen eens. Het meest rationeele is de .
bijdrage vast te stellen in een percentage van het loon.
Bij de ziekteverzekering, waar ook de uitkeering van
het loon afhankelijk is, behoeft dit geen betoog. Bij de
ouderdoms- en invaliditeits- alsmede bij de weduwen- en
weezenverzekering staat de zaak schijnbaar anders, omdat
de uitkeering hier in eene wzsie rente bestaat, onaf-
hankelijk van het loonbedrag. Men verlieze hierbij echter
niet uit het oog, dat de bijdrage geen privaatrechtelijk
aequivalent is voor het door de verzekering ontvangen
voordeel, maar eene publiekrechtelijke retributie waarbij