HomeSociale verzekeringPagina 50

JPEG (Deze pagina), 963.54 KB

TIFF (Deze pagina), 8.17 MB

PDF (Volledig document), 96.61 MB

li
ll
voorzorg betracht hadden, langs den weg der vrijwillige t
" verzekering zich en hun gezin` voor gebrek hadden
kunnen vrijwaren. Dit is niet tegen te spreken en dit
argument zou zeker krachtig genoeg zijn om, als er niet
toch eene organisatie voor verplichte ouderdoms- en ‘
[if invaliditeits- alsmede voor weduwen- en weezenverzekering
J; A ingevoerd moest worden, daartoe voor de hier bedoelde
categorieën van personen niet over te gaan. Maar het dunkt
mij niet voldoende om de uitsluiting dezer personen buiten
‘;‘; de verplichte verzekering te rechtvaardigen, als deze jj
eenmaal, zij het ook in de eerste plaats ten behoeve
van anderen, wordt ingevoerd. Het bestaan van het
gevaar waartegen de thans ter sprake zijnde verzeke- ’
` ringen waarborgen willen, is, 00k voor hen die een
'é·.` hooger inkomen trekken, niet te loochenen, al moge het
kleiner zijn dan voor degenen met lagere inkomens. p
lx En evenmin te loochenen is, dat al be/worden de hier ,
bedoelden zich en hun gezin vrijwillig te verzekeren, .
ï_·;§ zeer velen hunner dit niettemin nalaten. Men houdt
derhalve met het doel der verzekering en met de werke- K
lijkheid het best rekening door bij de ouderdoms- en
_ invaliditeitsverzekering alsmede bij de weduwen- en
' {‘ weezenverzekering allen die een eigen inkomen hebben,
p { zonder begrenzing naar boven, in de verzekering op te
lj, nemen.
[ ïi . . . r
‘ Tot zoover de meer prmcipieele vraag over de grenzen
van den verzekeringsplicht. Thans nog een kort woord
over de vraag in hoever de uitkeeringen beperkt of
uitgesloten moeten worden ten aanzien van hen die uit
li anderen hoofde in staat zijn aan het hun overkomen
onheil het hoofd te bieden. Na het Voorafgaande be-
hoeft deze vraag ons niet lang bezig te houden. Bij l
_ de ziekteverzekering is er voor zulk eene beperking of
uitsluiting geen reden. Daar valt, als het inkomen de l
wettelijke grens overschrijdt, de verzekeringsplicht zelf
weg; zoolang deze bestaat ligt daarin reeds het bewijs
.«,
F
i]
i. .