HomeSociale verzekeringPagina 37

JPEG (Deze pagina), 882.54 KB

TIFF (Deze pagina), 8.04 MB

PDF (Volledig document), 96.61 MB

. i
i
. 35 l
wachttijd, die om later te ontvouwen redenen niet geheel
kan worden gemist, 1) geleidelijk tot den normale moeten T `
worden teruggebracht. D. w. z. voor hen die bij de
invoering 44 jaar oud zijn, zou hij zijn te stellen op
20 jaar, voor de alsdan 43,jarigen op IQ jaar, voor de .
alsdan 42jarigen op 18 jaar enz. tot de gewone wacht- ·i
tijd is bereikt. Langs dezen weg wordt voorkomen dat 1
er een onbillijk werkende plotselinge overgang zijn zou 4
tusschen hen die wèl en hen die niet van de invaliditeits-
Verzekering kunnen genieten. I
Dit wat betreft het element van den duur der bij- 1
dragestorting voor de bepaling van het bedrag der 5
uitkeering. Alvorens over te gaan tot het tweede element,
volgens hetwelk het bedrag der uitkeering afhankelijk i‘
wordt gesteld van de hoogte van het loon, is het wen- E,
.a schelijk de prealabele vraag te bespreken of er afdoende I,)
gronden zijn voor verschillende vaststelling van het bedrag
der ouderdoms- en dat der invaliditeitsuitkeering. Gelijk .
bekend is, heeft men in Duitschland een verschil daar- s
tusschen gemaakt en wel in dezer voege dat, onder j
overigens gelijke omstandigheden ten aanzien van loon- _
hoogte en aantal bijdragestortingen, de invaliditeitsrente Ri
hooger is dan de ouderdomsrente. Dit verschil, dat aan-
leiding gegeven heeft tot verschillende moeilijkheden en l`
misbruiken, is in de duitsche regeling zoo irrationeel
mogelijk. Aan den eenen kant wordt door de hoogere ·
invaliditeitsuitkeering erkend dat het wegvallen der
arbeidskracht voor den arbeider een grooter onheil is i
_, als het invalt vóór den leeftijd waarop het normaal
intreedt, en aan den anderen kant, wordt door het ver- _i
band tusschen uitkeering en aantal bijdragestortingen de
rente weer kleiner naar gelang het onheil vroeger intreedt, j
d. w. z. naar gelang volgens de onderscheiding tusschen
ouderdoms- en invaliditeitsrente het onheil grooter is. x`?
.. ..l. 'f`
1) Zie bl. 40. ‘ 4
jv
iii