HomeOuderdomsrentePagina 23

JPEG (Deze pagina), 788.30 KB

TIFF (Deze pagina), 7.09 MB

PDF (Volledig document), 24.89 MB

HOOFDSTUK IV.
.4
i
Ouderdomsverzekering voor personen, beneden den 35­jarigen
leeftijd.
Nu door de in werking treding van de lnvaliditeitswet ge-
t zorgd wordt voor de geldelijke gevolgen van den ouderdom van de
loonarbeiders, werd al meer de noodzakelijkheid gevoeld, ook voor
j personen, die economisch met arbeiders zijn gelijk te stellen, de
mogelijkheid te openen zich voor den ouden dag te verzekeren met
? waarborg door den Staat, dat de renten op den vereischten leeftijd
f inderdaad zullen worden uitbetaald en dus het doel volkomen wordt
l bereikt. Alhoewel voor deze verzekering de premie door de verzeker-
den zelf zou moeten worden betaald en wel zoo, dat uit de opbrengst
der premies de later uit te betalen renten worden bekostigd, waren
g er niettemin redenen, dat de Staat deze verzekering ter hand nam
’ en haar niet overliet aan de zorg van de particuliere maatschappijen.
i Niet alleen omdat de Staat zonder eenig voorbehoud aansprakelijk
blijft v00r de uitbetaling der renten en uitkeeringen, een waarborg, die
j door geen enkele maatschappij, ook niet door de meest soliede, wordt
jg geboden, doch ook uit hoofde van andere redenen. Geen particuliere
maatschappij kan de voorwaarden door den Staat voor deze ver-
zekeringgesteld,garandeeren. De bijzondere verzekeringsvoorwaarden
W maakten het echter noodig, dat de mogelijkheid van toetreding
beperkt moest blijven tot personen, beneden een zekere welstands-
grens, die met dezen vorm van verzekering het meest gebaat zouden
zijn.
Er zullen niet veel maatschappijen zijn, die het mogelijk
maken, om in dezen vorm, n.l. door het betalen van een weekpremie,
zich te verzekeren voor een weekrente (plus een bedrag uit te keeren
bij overlijden) en dit toch is eisch voor een goede volksverzekering.
Niet vele maatschappijen zullen ontheffing van premiebetaling
verleenen en toch de volle, reeds verkregen rechten, uit de verzekering